Archief van de categorie ‘Onderzoek’
Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
Boeken, Female Business Nieuws, Onderzoek
Sep 5, 2010
Uit onderzoek van PerspeXo, gepubliceerd in de white paper “Breek door het eerste ondernemerskantelpunt heen” in de reeks “Winstverbetering, waardecreatie en waardering in het MKB”, blijkt dat kleine bedrijven (tot 10 man personeel) het op bijna alle terreinen zwaar hebben. Meer dan 250 ondernemers hebben de Schijf van Vijf™-scan ingevuld en ruim 60 ondernemers hebben meegewerkt aan het diepteonderzoek maart-juli 2010.
De voornaamste conclusies uit het onderzoek zijn:
1. Nieuw type ondernemer in opkomst:
- Afkomstig uit het grootbedrijf, met de wil om structureel te bouwen aan een groot winstgevend bedrijf.
- Jonge ondernemers die vanuit de collegebanken een bedrijf hebben opgericht: uitdaging is om de (mentale) switch te maken van “creatief” naar “manager”.
2. Finance is de achilleshiel bij kleinere bedrijven. Vaak stuurt de boekhouder de ondernemer aan in plaats van andersom.
3. Ondernemers geven aan zelf een grote risicofactor te zijn voor het bedrijf.
4. Kracht van kleinere bedrijven zit in sterke identiteit, gedrevenheid en marketing.
5. Gevestigde ondernemers hebben vaak een blinde vlek voor verborgen waarde in hun bedrijf.
6. Doorkijk naar de toekomst: bedrijven voorbij het eerste kantelpunt hebben allemaal een versterking van directie en verankering van processen in het bedrijf meegemaakt.
Annegien Blokpoel, directeur PerspeXo en auteur bestseller ‘Maak je bedrijf meer waard‘: “Een nieuwe lichting ondernemers timmert aan de weg. De kennis en ervaring opgebouwd in internationale bedrijven én de flexibiliteit van creatieve jonge ondernemers leveren snel groeiende innovatieve bedrijven op. Met focus op winstgevendheid en een gericht steuntje hebben deze ondernemers een goede kans om succesvol door het eerste kantelpunt heen te breken.”
Sinds 2007 doet PerspeXo regelmatig onderzoek onder ondernemers in het MKB.
Over PerspeXo
PerspeXo is een onafhankelijk strategisch adviesbureau, gericht op winstverbetering, waardecreatie en waardering binnen en voor bedrijven. De dienstverlening bestaat uit strategische adviezen aan directies, hands on mobiliseren van interne en externe partijen en structurele waardecreatiebegeleiding (op maand- of kwartaalbasis). Voor ondernemers van het eerste en tweede kantelpunt is het MBW™(Maak je bedrijf meer waard)-programma ontwikkeld.
Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
Onderzoek
Jul 26, 2010
Twitter is bezig aan een sterke opmars als nieuwsbron voor journalisten en bloggers. Meer dan de helft van de journalisten en bloggers in Nederland heeft een Twitter-account en van hen gebruikt maar liefst 88% het kanaal voor nieuwsvergaring. Dit komt naar voren uit een onderzoek onder 215 journalisten en bloggers, uitgevoerd door ANP Pers Support, Marketingfacts, LEWIS PR en Stichting One.
Naast Twitter merken de respondenten ook Google aan als manier om te zoeken naar nieuws. 82% van de respondenten zet de zoekmachine daarvoor in. Als startpunt in de zoektocht naar achtergrondinformatie scoort Google nog hoger: maar liefst 99% van de journalisten en bloggers weet zijn weg naar Google te vinden.
83% van de journalisten gebruikt Twitter om zijn artikel te promoten en 58% van hen gebruikt het kanaal om achtergrondinformatie bij een artikel te verkrijgen.
Ondanks de opkomst van Google en Twitter als nieuwsbron, geven de respondenten aan nog steeds waarde te hechten aan ‘traditionele’ persberichten. Vier op de vijf verwacht dat het persbericht niet uit het medialandschap zal verdwijnen.
“De resultaten van het onderzoek laten zien dat journalisten en bloggers steeds meer kanalen inzetten om nieuws te zoeken. Dat Google voor achtergrondinformatie bij een artikel wordt gebruikt is niet verrassend, maar dat het ook wordt gebruikt om op zoek te gaan naar nieuws des te meer”, zegt Jan Willem Alphenaar van Stichting One. “Voor bedrijven betekent dit dat hun SEO steeds belangrijker wordt en dat ze daar op alle mogelijke manieren rekening mee moeten houden.”

Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
Onderzoek
Jun 13, 2010
Symposium over het belang van de uitspraak van Engels in Nederland
De rol van het Engels wordt steeds groter in Nederland. Het belang van een verstaanbare Engelse uitspraak wordt echter nog onderschat. Terwijl het verschil tussen het onderhandelen over ‘celery’ of ’salary’ toch behoorlijk is. De Vrije Universiteit Amsterdam en de Universiteit Utrecht organiseren op 24 en 25 juni het symposium ‘Uitgesproken Engels’ over het belang van Engelse uitspraak en praktische oplossingen om de uitspraak te verbeteren. Er is naast het wetenschappelijke programma ook een praktijkgericht programma voor scholen (24 juni) en voor bedrijven en media (25 juni).
Gebrekkige uitspraak nadelig bij onderhandelingen
Door gebrekkige Engelse spreekvaardigheid – zo laat onderzoek van de Europese Commissie uit 2006 zien – benadeelt een kwart van de destijds onderzochte Nederlandse bedrijven zichzelf, voornamelijk tijdens onderhandelingen. Het symposiumprogramma voor bedrijven en media gaat onder andere in op typische uitspraakproblemen van Nederlanders en op de vraag hoe je taalbeleid en -training in je organisatie kunt vormgeven. Ook is er een workshop waarin deelnemers feedback krijgen op hun eigen uitspraak van het Engels.
“If you’re so smart, why do you sound so Dutch?”
Sprekers uit de wetenschap, het onderwijs en de media leveren een bijdrage aan het symposium.
Zo vertelt Joe-Eun Kim van de BBC over de manier waarop de uitspraak bij de Britse omroep wordt gereguleerd, houdt Annemieke Meijer (IVLOS, Universiteit Utrecht) een lezing met de titel “If you’re so smart, why do you sound so Dutch?” en stelt Vincent van Heuven (Universiteit Leiden) de vraag “Hoe verstaanbaar is steenkolenengels?”
Aanmelden
Het symposium is toegankelijk voor alle taalgebruikers, inclusief zakelijke gebruikers en publieke instellingen, docenten, studenten en onderzoekers. Deelname kost € 50,- voor 2 dagen. Kijk voor het programma en aanmelden op de website van de Universiteit Utrecht.

Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
Female Business Nieuws, Onderzoek
May 24, 2010
Kleding zegt alles. Uit onderzoek is gebleken dat 85% van het zakelijk succes afhangt van het vermogen om vertrouwen en respect te winnen. Dit gebeurt vooral op basis van uiterlijk en sociale eigenschappen.
Witha Bolijn van De Kunst van Stijl heeft daar een geheel eigen kijk op: “Om goed zaken te doen, politiek te bedrijven of anderen te overtuigen wordt er naast het inzetten van kennis een heel psychologisch spel gespeeld door middel van uiterlijk en uitstraling.
Daar valt veel mee te winnen. De begrippen dominant, gelijkwaardig of ondergeschikt zijn hierin belangrijk. Afhankelijk van het onderwerp en de ‘tegenstander’ kan de speler door middel van zijn of haar kledingstijl kiezen voor een van de drie. Dominant vraagt om kleding die de ik-figuur centraal stelt en dus alle aandacht naar zich toe trekt.
De stropdas, als die tenminste de goede kleur en knoop heeft, is een duidelijk voorbeeld van autoriteit waaraan niet te tornen valt. Als de tegenspeler daarentegen een ‘wij samen’ gevoel moet krijgen kan de stropdas af. Als premier Balkenende de president van een ander land ontmoet doet hij zijn das alleen af tijdens het informele deel van het bezoek. Als hij gaat racen met een snelle auto doet hij dat ook zonder stropdas.”
Praten zonder woorden
In zakelijke contacten is het belangrijk om vooraf goed te bedenken met wie het gesprek plaats vindt en daarop de kleding aan te passen. Maar kledingstijl die alleen is gekozen op uiterlijk is niet het enige dat telt. Als de stijl niet past bij de binnenkant van een mens, is de ander al snel afgeleid door het onbehaaglijk gevoel dat er iets niet klopt. “Het kan maar zo zijn dat daardoor de slag wordt verloren. De Kunst van Stijl leert professionals in een workshop wat de psychologie achter hun uitstraling is en wat ze kunnen bereiken door zich anders te kleden, want alleen al door uitstraling wordt meer verteld en verkocht dan ooit in woorden kan worden gezegd.”
De workshop is voor veel mensen een openbaring. Sommigen vinden het wel best en willen er eigenlijk niet zoveel van weten maar het merendeel is nieuwsgierig naar de informatie. Bij sommige mensen zie je een ware transformatie. “Met name mannen zijn vaak erg geïnteresseerd en zitten vol vragen. Onzekerheid over wat wel en niet kan op kledinggebied is voor bijna iedereen herkenbaar en ik dan ook uitgebreid in op vragen. Wie wil kan daarna via een persoonlijk advies nog verder komen in het leren kennen van zijn of haar eigen stijl.”
Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
Onderzoek
Apr 8, 2010
Onderzoeksbureau Multiscope heeft met een grootschalig online marktonderzoek onder 14.686 Nederlanders de kennis, houding en het gedrag rondom sociale media in kaart gebracht. Hieruit blijkt dat de gebruiksintensiteit van sociale media websites voorlopig voorlopig nog achter blijft bij de hoge naamsbekendheid. Gemiddeld besteedt men zo’n 7 uur per maand aan sociale online netwerken.
Het speelveld
Op dit moment bevindt het gebruik van social media zich in een overgangsfase. De naamsbekendheid is hoog, maar de tijdsbesteding is nog relatief laag. Ook is er een groep die afwachtend is als het gaat om actief deelnemen aan sociale netwerken. Gemiddeld gebruikt men 1,8 social media websites naast elkaar. Slechts 3% kent geen enkele sociale media website, 11% geeft aan van geen enkele sociale media website lid te zijn of een profiel te hebben, 17% zegt de afgelopen maand geen sociale media website gebruikt te hebben.
Hyves en YouTube zijn samen goed voor 70% van de totale social media tijdsbesteding in Nederland. Twitter is inmiddels bekend bij 76% van de internetpopulatie. Wanneer we de huidige gebruikers vragen naar hun te verwachten gebruiksintensiteit in het komende jaar, zien we dat de meeste groeipotentie zit bij LinkedIn (+33%) gevolgd door Twitter (+26%). Het verschil tussen ‘kijken’ en lidmaatschap is het grootst bij YouTube. Dit komt waarschijnlijk omdat YouTube meer een consumptie- in plaats van een participatieplatform is. Daarnaast zouden gebruikers drempels kunnen ervaren bij het zelf publiceren van video.

Messaging
In het onderzoek is ook gekeken naar de tijd die men besteedt aan online messaging. Dit blijkt aanzienlijk hoger te liggen dan bij social media. Uit het onderzoek blijkt dat men MSN Messenger (26 uur), Google Talk (20 uur) en eBuddy (11 uur) het meest intensief gebruikt.
Sociaal contact
De voornaamste reden om social media te gebruiken is om contact te onderhouden met vrienden en familie (74%), als aangenaam tijdverdrijf (45%) en het delen van een hobby of interesse (24%). Daarnaast geeft 15% aan het te gebruiken om nieuwe mensen te ontmoeten.
Van de respondenten is 61% het oneens met de stelling dat je door het gebruik van sociale media minder ‘echt’ contact met mensen hebt (neutraal 25%, eens 14%). Ook vinden veel Nederlanders (47%) niet dat met virtuele ontmoetingen afstanden tussen mensen worden vergroot (neutraal 30%, eens 23%).
Methodiek en verantwoording
De cijfers uit dit marktonderzoek zijn tot stand gekomen door een grootschalige peiling onder het Multiscope online consumentenpanel, waarbij in totaal 14.686 leden het onderzoek volledig hebben ingevuld. Het veldwerk is uitgevoerd in maart 2010. Het onderzoek is representatief voor de online populatie.
Over Multiscope
Multiscope is een toonaangevend online onderzoeksbureau. Het bedrijf voert landelijk representatief marktonderzoek uit via haar consumentenpanel (140.000+ leden), B2B panel (55.000+ leden) en een zevental gespecialiseerde doelgroepenpanels. Daarnaast ondersteunt Multiscope opdrachtgevers met software voor online marktonderzoek. Multiscope voert online marktonderzoek uit sinds 1996.
- Het percentage van de internetpopulatie dat deze social media website kent (geholpen naamsbekendheid)
- Het percentage van de internetpopulatie dat zegt een profiel / lidmaatschap bij deze social media website te hebben
- Het percentage van de internetpopulatie dat zegt deze social media website in de afgelopen maand te hebben gebruikt
- Aantal actieve gebruikers van deze social media website vermenigvuldigd met hun gemiddelde gebruiksintensiteit (uren per maand)
- Het percentage van de huidige gebruikers dat verwacht in het komende jaar meer of minder gebruik te maken van deze social media website
Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
ICT, Onderzoek
Mar 28, 2010
Ten opzichte van het Midden- en Klein Bedrijf (MKB) wereldwijd loopt het Nederlandse MKB niet voorop bij investeringen in software die medewerkers helpt altijd en overal – en dus efficiënter – te kunnen werken. Dat blijkt uit een onderzoek van Microsoft naar het gebruik van IT-technologie door MKB-ers in vijftien landen wereldwijd. Waar Nederlandse MKB-ers eerst voorop liepen bij investeringen in IT, maken zij op dit moment minder gebruik van software voor online vergaderen, CRM en het samen werken aan documenten, dan collega’s wereldwijd. Om de ondernemers de toegevoegde waarde van software die ‘Het Nieuwe Werken’ mogelijk maakt, te laten ervaren, start Microsoft een praktijkgerichte campagne, inclusief gratis informatiesessies.
Waar de grote meerderheid van de Nederlandse MKB-ers beschikt over een server (79,3%), back-up (90,8%), email (96,4%) en website (88%), wordt software die het mogelijk maakt om efficiënter en altijd en overal te kunnen werken, veel minder gebruikt. Zo geeft 45,4% van de Nederlandse MKB-ers aan niet over software te beschikken om samen te werken aan documenten.
Dat is het hoogste percentage van alle landen en een stuk hoger dan het gemiddelde wereldwijd (23,2%). Bijna tweederde (64,9%) van de Nederlandse MKB-ers beschikt evenmin over mogelijkheden om online te vergaderen. Ook dat is aanmerkelijk hoger dan het gemiddelde van 40% van alle andere landen.
Remmende voorsprong
Volgens Microsoft Nederland is de wet van de remmende voorsprong van toepassing op het Nederlandse MKB. Waar zij in eerste instantie voorop liep bij de investering in een goede server, back-up, email en website, is het nu echt tijd om de volgende stap te zetten. “Maar”, zegt Arjan Oude Kotte, directeur MKB bij Microsoft Nederland, “ondernemers moeten daarbij geholpen worden.
De toegevoegde waarde van software die medewerkers helpt efficiënter en altijd en overal te werken, moeten zij simpelweg ervaren in de praktijk. Een voorbeeld van zo’n praktijksituatie was afgelopen winter, toen de weersomstandigheden ervoor zorgden dat veel werknemers thuisbleven. Maar weinig medewerkers konden thuiswerken, samenwerken of hadden toegang tot belangrijke informatie. Dat is simpelweg verspilling van tijd en geld. Om deze reden vormt de praktijk ook het uitgangspunt van onze nieuwe campagne en de gratis inspiratie- en informatiesessies die ondernemers op diverse plaatsen in het land kunnen volgen.”
E-commerce en CRM
Als het gaat om software die klanten van het MKB in staat stelt om online diensten te kopen, e-commerce, geeft 68,1% aan hier niet over te beschikken. Wereldwijd ligt dit percentage gemiddeld op 45,6%. Meer dan een derde (39,8%) van de Nederlandse MKB-ers geeft aan niet te beschikken over software om klantgegevens te interpreteren en benutten (CRM), ten opzichte van het gemiddelde van 30,4% wereldwijd.
Belang IT erkend
De achterstand in software die het nieuwe werken mogelijk maakt, betekent niet dat de Nederlandse ondernemer het belang van IT voor zijn onderneming onderschat. Toch is hij ook daarin nuchterder dan zijn collega’s wereldwijd: 78,1% van de Nederlandse MKB-ers geeft aan dat IT ‘kritiek’ of ‘zeer belangrijk’ is voor het dagelijks functioneren van hun onderneming, ten opzichte van 85,9% van alle MKB-ers wereldwijd.
Informatie- en inspiratiesessies
Tijdens de gratis informatie- en inspiratiesessies krijgen ondernemers meer informatie over ‘Het Nieuwe Werken’, de voordelen maar ook de valkuilen. Ook wordt een praktische aanpak doorgesproken en komen diverse scenario’s aan bod die de ondernemer kan toepassen op zijn eigen bedrijf. De sessies worden gegeven op verschillende locaties in het land. Ondernemers die willen deelnemen kunnen zich aanmelden via www.microsoft.nl/hnw/mkb.
Over het onderzoek
Het Microsoft Small Business Technology Index 2010 onderzoek is uitgevoerd door Vanson Bourne tussen november 2009 en januari 2010. In het onderzoek werden 3193 MKB-bedrijven met maximaal 500 medewerkers ondervraagd. Dat gebeurde in vijftien landen wereldwijd: Australië, China, Frankrijk, Duitsland, India, Japan, Nederland, Noorwegen, Polen, Singapore, Zuid-Afrika, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Aan het onderzoek namen 248 Nederlandse MKB-bedrijven deel.

Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
Onderzoek
Mar 20, 2010
De vraag naar effectieve vormen van (re-)organiseren neemt als gevolg van de economische crisis toe.
Veranderende marktomstandigheden, wegvallende vragen, krimpende kredieten en groeiende druk op marges maken dat veel bedrijven hun organisaties op dit moment anders inrichten, reorganiseren of veranderen.
Onderzoek van Twynstra Gudde bij 25 ondernemingen naar de best practices op het gebied van (re-)organiseren, toont aan dat er vele verschillende manieren zijn om te reorganiseren en dat een doordachte creatieve aanpak leidt tot een beter resultaat. In veel gevallen wordt te weinig ingespeeld op de organisatie en situatie en de aanwezige expertise onvoldoende benut.
De publicatie ‘Effectief (re-)organiseren’ geeft inzicht in de realisatie van verschillende typen organisatiedoelen: klantfocus, financiële prestaties, meer grip, stroomlijnen van de organisatie en hogere motivatie zijn voorbeelden. Bij dergelijke complexe organisatievraagstukken blijkt een aantal factoren van belang: sense of urgency, een creatieve aanpak, talentmanagement, betrokkenheid, zorgvuldigheid, samenhang in oplossingen, transparantie en leiderschap.
De publicatie is geschreven door Twynstra Gudde adviseurs Leo Schunck en Ferry Bezem en is bedoeld voor ondernemers. Met dit boek willen de auteurs hen inspiratie en reflectie bieden en een bijdrage leveren aan meer slagvaardigheid en flexibiliteit van organisaties. De publicatie is kosteloos aan te vragen bij Twynstra Gudde, Jantine van de Bunt (bun@tg.nl).
Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
Onderzoek
Feb 18, 2010
Kandidatenlijsten voor de gemeenteraadsverkiezingen worden steeds vaker aangevoerd door vrouwen.
23,6% van alle lijstaanvoerders bij de aanstaande gemeenteraadsverkiezingen is vrouw. De VVD heeft in aantal en de SP in percentage de meeste vrouwen die als nummer 1 de kandidatenlijsten aanvoeren. Dit blijkt uit een inventarisatie van het sprekersbureau ZijSpreekt onder de acht landelijke politieke partijen met vrouwelijke lijsttrekkers. Met 87 vrouwelijke lijsttrekkers in 383 gemeenten komt de VVD net boven de PvdA uit, die in 84 van de 360 gemeenten een vrouw als lijsttrekker heeft. Percentsgewijs scoort de SP met 35,7% het hoogst, gevolgd door GroenLinks, 33%. D66 staat in beide berekeningen op de derde plaats met 69 vrouwelijke lijstaanvoerders in 242 gemeenten, een percentage van 29%. In totaal zijn 455 van de 1929 lijstaanvoerders (van de acht partijen) van het vrouwelijk geslacht. Of deze gegevens ook leiden tot een totaal hoger aantal vrouwen in de gemeenteraden zal na 3 maart blijken. Het streefcijfer van de regering ligt op 35%. Bij de vorige verkiezingen kwam het percentage vrouwen in de gemeenteraden niet boven de 26% uit.
Geplaatst door Sigrid van der Hoeven
Onderzoek
Feb 15, 2010
Man werkt liever aan apart bureau, vrouw geeft regelmatig voorkeur aan keukentafel
De Nederlandse werknemer is productiever als hij thuis werkt, zo blijkt uit onderzoek van Peil.nl, het onderzoeksbureau van Maurice de Hond. Bovendien is hij loyaler naar de werkgever indien hij de mogelijkheid krijgt thuis te werken. Het onderzoek onder ruim 700 thuiswerkers werd uitgevoerd in opdracht van Startready, Interoute en Plantronics.
Deze bedrijven werken samen onder de naam Trojka om thuiswerken gemakkelijker en voordeliger te maken voor zowel werknemer als werkgever.
In het onderzoek van Peil werkt eenderde van de ondervraagden wel eens thuis voor zijn werkgever. Het thuiswerken blijkt een positieve invloed te hebben op de loyaliteit richting de werkgever. Maar liefst 75 procent van de thuiswerkers zegt loyaler te worden wanneer ze thuis mogen werken.
Langere werkdagen en toename productiviteit
Thuiswerkers werken gemiddeld meer dan een dag per week thuis (25% van de totale werkweek). 39 procent van de thuiswerkers geeft aan op een thuiswerkdag van acht uur meer dan 1 uur langer te werken en 17 procent werkt tussen de 0 en 60 minuten langer.
Thuiswerkers maken niet alleen langere dagen, ze zijn ook nog eens productiever. Maar liefst driekwart geeft aan per tijdseenheid meer arbeid te verrichten. Deze productiviteitsverbetering zit hem vooral in het feit dat er thuis ongestoord gewerkt kan worden (52%) en dat medewerkers zich thuis beter kunnen concentreren (39%) dan op kantoor. 7 procent zegt thuis minder hard te kunnen werken, omdat ze door privézaken worden afgeleid. Volgens Kristie van den Broek, marketing manager Benelux bij Plantronics is dat niet verwonderlijk: ‘Kantoren worden immers niet gebouwd voor denkwerk.’ Uit onderzoek van N.E.T. Research blijkt bijvoorbeeld dat als drie personen een kantoor delen en een van hen telefoneert, de productiviteit van de andere twee personen daalt met 37 procent.
Werkzaamheden
Een ruime meerderheid van de ondervraagden voert thuis het liefst klussen uit die concentratie vereisen. Daarnaast geeft 10 procent aan thuis overige werkzaamheden uit te voeren, zoals zaken die buiten de werktijd geregeld moeten worden; deadlines die moeten worden gehaald, leeswerk, het voorbereiden voor de volgende dag of werkzaamheden die speciale apparatuur vereisen die op kantoor niet beschikbaar is.
Materialen
Om het thuiswerken gemakkelijker te maken, gebruiken de thuiswerkers uiteenlopende materialen. Laptops, notebooks of netbooks worden veruit het meest gebruikt (84%). Maar middelen die het nieuwe werken faciliteren en mogelijk maken, zoals een headset, UC-platform en videoconferencing zijn nog geen gemeengoed. Respectievelijk 8, 2 en 5 procent van de thuiswerkers maakt hier gebruik van.
De plek waar thuis gewerkt wordt, verschilt per sekse. Mannen hebben de voorkeur voor een apart bureau terwijl vrouwen regelmatig de keukentafel bombarderen tot werkdomein (31%).
Van den Broek: ‘Thuiswerken heeft niet alleen voordelen voor de werknemer die niet in de file hoeft te staan en in zijn eigen omgeving kan werken, maar ook voor de werkgever die kan rekenen op een productievere en gemotiveerde werknemer. Voor de toekomst verwacht ik een stijgende lijn in het aantal mobiele werkers.’ Dit vermoeden wordt bevestigd door onderzoek van TNS NIPO in opdracht van Microsoft Nederland waarin naar voren komt dat een kwart van de Nederlanders graag (meer) wil thuiswerken.
Van den Broek merkt wel op dat voor een positief verloop van deze tendens een goede thuiswerkomgeving, richtlijnen en apparatuur essentieel zijn.
De enquête werd uitgevoerd onder 2.589 mensen, waaronder 737 thuiswerkers, door Peil.nl, het onderzoeksbureau van Maurice de Hond, in opdracht van Startready, Interoute en Plantronics.