Archief van de categorie ‘Onderzoek’

Syntens en Eigenbaas.nl zetten zich in voor vrouwelijk ondernemerschap

‘WE keep on growing’ biedt vrouwelijke ondernemers concrete coaching

Op 1 september 2011 is het EU-project ‘WE keep on growing’ in Nederland van start gegaan. Waarbij WE staat voor Women Entrepreneurs: het project zet zich actief in voor vrouwelijk ondernemerschap in Nederland. ‘WE keep on growing’ geeft vrouwelijke ondernemers een sterk netwerk en werkt met gerenommeerde mentoren die vrouwelijke ondernemers twee jaar lang coachen. Doel is de gecoachte ondernemers te versterken op het gebied van effectiviteit, efficiency en winst/omzet en een verbetering van persoonlijke- en ondernemersvaardigheden. Ook zal het project zich inzetten voor meer aandacht voor vrouwelijk ondernemerschap in Nederland.

Er is nog ruimte voor vrouwelijke ondernemers om zich in te schrijven voor dit kosteloos EU-project. Direct inschrijven via: www.wekeepongrowing.nl.

Vrouwelijk ondernemerschap
Er zijn in Nederland steeds meer vrouwelijke ondernemers, ongeveer 348.000. 50% van deze ondernemende vrouwen wil met haar organisatie groeien, zo blijkt uit onderzoek. Bovendien zijn vrouwelijke ondernemers relatief innovatief en hoogopgeleid. Momenteel is 35% van de startende ondernemers vrouw. Dit maakt dat vrouwelijke ondernemers een enorm potentieel vormen voor economische groei. Daarbij heeft onderzoek uitgewezen dat mentoring (coaching) een goede manier is om vrouwelijk ondernemerschap te stimuleren.

Actieprogramma ‘WE keep on growing’
De Europese Commissie heeft (in het kader van het Competiveness and Innovation Programme) een actieprogramma opgezet in verschillende Europese landen. Dit om vrouwelijk ondernemerschap een impuls te geven, te onderkennen dat vrouwelijke ondernemers andere kenmerken en behoeften hebben dan hun mannelijke collega’s en om zeker te stellen dat recent gevestigde vrouwelijke ondernemers hun activiteit de eerste – vaak moeilijke – jaren kunnen volhouden.
Het project is in Nederland gegund aan Eigenbaas.nl en Syntens Innovatiecentrum.

Crisiscommunicatie via sociale media: Twitter werkt het best

Organisaties kunnen sociale media, vooral Twitter, succesvol inzetten voor crisiscommunicatie. Dat blijkt uit onderzoek van communicatiewetenschappers van de Vrije Universiteit Amsterdam. Dit is het eerste experiment dat de effecten van verschillende (sociale) media onderzoekt en daarbij niet alleen naar reputatie, maar ook naar het doorstuurgedrag van mensen kijkt.

Effect van crisiscommunicatie op reputatie
Friederike Schultz, Sonja Utz (VU) en Anja Goeritz (Universiteit Würzburg) onderzochten de effecten van verschillende strategieën voor crisiscommunicatie (excuus, sympathie, informatie) en media (online krant, blog of Twitter) op waargenomen reputatie, “secondary crisis communications” (informatie doorsturen en erop reageren) en reacties (boycot). De resultaten lieten zien dat het medium belangrijker is dan de boodschap. Respondenten die de tweet hadden gelezen, waren minder van plan om de organisatie te boycotten dan respondenten die het blogbericht of het online krantenbericht hadden gelezen. De respondenten die de tweet zagen en doorklikten naar het blogbericht beoordeelden de reputatie van de organisatie het hoogst.

Actieve twitteraars verspreiden meer nieuws
Een ander interessant resultaat is dat mensen eerder over het krantenbericht praatten of erop reageerden dan op een blog of een tweet. Zelfs actieve twitteraars vertoonden dit patroon. Maar actieve twitteraars praatten ook meer over het crisisnieuws dan bloglezers of mensen die helemaal geen sociale media gebruikten. Het is voor organisaties dus juist belangrijk om twitteraars te bereiken omdat die nieuws dat ze binnenkrijgen –  ook via krant en blog – meer verspreiden dan niet-gebruikers van Twitter.

Oncontroleerbare boodschap van sociale media
Organisationele crises zijn een ernstige bedreiging voor organisaties omdat ze de reputatie van de organisatie beschadigen en tot boycot kunnen leiden. PR-afdelingen gebruiken steeds vaker sociale media om te proberen hun reputatie te herstellen. Op sociale media is de controle over de boodschap kleiner omdat blogs of tweets gemakkelijk doorgestuurd en veranderd kunnen worden.

Vrouwelijke zelfstandig ondernemers netwerken anders dan mannen

Mannen gaan liever naar een borrel of receptie en willen er concretere details uitslepen, terwijl vrouwen zich vooral zakelijk willen profileren.

Hoewel Internationale Vrouwendag al 100 jaar bestaat, zijn er nog steeds grote verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke ondernemers in Nederland. Uit onderzoek van FNV Zelfstandigen (belangenbehartiger van ruim 14.000 zzp’ers in de sectoren Diensten, Groen, Handel, ICT, Industrie, Vervoer en Zorg) onder meer dan 1600 leden blijkt dat vrouwelijke zelfstandig ondernemers op een andere manier netwerken dan mannen.

Uit het onderzoek van FNV Zelfstandigen blijkt dat vrouwelijke ondernemers bijvoorbeeld een ander doel hebben tijdens het netwerken dan mannen. Vrouwelijke zelfstandig ondernemers willen zich liever zakelijk profileren terwijl mannen meer concrete opdrachten en nieuwe contacten willen binnenhalen. Vrouwen netwerken het liefst op professionele netwerkbijeenkomsten die speciaal zijn bedoeld voor het netwerken. Opmerkelijk is dat 1 op de 5 mannelijke respondenten van het onderzoek aangeeft dat ze graag netwerken op een borrel of recepties bezoeken. Van de vrouwelijke respondenten geeft slechts 1 op de 10 hier de voorkeur aan.

Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat vrouwen zich iets meer met netwerken bezig houden dan mannen. Maar liefst 85% van de vrouwelijke zelfstandig ondernemers zegt te netwerken; dit is ruim 10% meer dan de mannelijke respondenten aangeven. De mannen die aangeven te netwerken, besteden daar overigens wel meer tijd aan. Zo gaf het merendeel van de mannelijke zelfstandig ondernemers aan dat ze 5 tot 10 uur per maand bezig zijn met netwerken, terwijl het merendeel van de vrouwen slechts 1 tot 5 uur per maand aan netwerken besteedt. Opvallend is dat zowel mannen als vrouwen ongeveer evenveel tijd besteden (1 tot 5 uur per maand) aan online netwerken zoals LinkedIn.

“Netwerken is vooral een belangrijk marketinginstrument voor ondernemers en een goede manier om samenwerkingspartners te vinden en kennis te delen,” aldus Linde Gonggrijp, directeur van FNV Zelfstandigen.
“FNV Zelfstandigen ziet het belang van netwerken voor haar leden in en organiseert daarom regelmatig netwerkbijeenkomsten zoals een kerstpakkettenlunch en een jaarlijkse ledendag.”

Gedurende het onderzoek heeft FNV Zelfstandigen aan de respondenten tips en adviezen voor andere zelfstandig ondernemers gevraagd. De onderstaande tips en adviezen waren het meest opvallend en bruikbaar:

Tip 1: Netwerk met mensen waar je het goed mee kunt vinden
Een goede netwerkrelatie is gebaseerd op wederzijds vertrouwen. Wees open en oprecht in je interesse in anderen. Mensen prikken er namelijk meteen doorheen als je een praatje komt maken met een verborgen agenda.

Tip 2: Denk mee met je gesprekspartner
Als je alleen een netwerkgelegenheid ingaat voor eigen gewin, kan dit overkomen als weinig sympathiek. Houd er tijdens het gesprek rekening mee dat netwerken altijd wederzijds is. Netwerken begint vaak met het meedenken met een ander; het begint meestal met geven voordat je gaat ontvangen.

Tip 3: Denk bij netwerken ook aan de lange termijn
Misschien kun je nu nog niets met een contact, over een half jaar kun je zomaar een vraag hebben waar iemand je mee kan helpen.

Tip 4: Bedank mensen die iets voor je hebben gedaan
Bedank mensen bijvoorbeeld met een mailtje, vertel wat je eraan gehad hebt. Krijg je een uitnodiging waarop je niet kunt ingaan, laat dat even weten. Zo houd je je contacten warm.

Tip 5: Denk ook aan je sociale netwerken
Weet wat je sociale netwerken zijn, hoe ze werken en waar je ze voor kunt gebruiken.

Femke Halsema ontvangt Vrouwen in de Media Award 2010

Femke Halsema krijgt de Vrouwen in de Media Award 2010. Ze krijgt de prijs omdat zij de vrouw is die in 2010 het meest in het nieuws is geweest.
Dit blijkt uit een analyse van de aanwezigheid van vrouwelijke politici in de media. Ook is gekeken naar de media-aandacht voor een honderdtal deskundige vrouwen uit andere maatschappelijke categorieën.

Zichtbaarheid vrouwelijke deskundigen
De prijs is een initiatief van Vrouwenindemedia.nl en sprekersbureau ZijSpreekt en wordt voor de eerste keer uitgereikt. De initiatiefnemers beijveren zich beiden voor het vergroten van de zichtbaarheid van vrouwelijke deskundigen in de media. Het onderzoek is op hun verzoek uitgevoerd door de Nederlandse Nieuwsmonitor. Bijna alle landelijke dagbladen en een aantal informatieve tv-programma’s van de publieke omroep zijn hierin meegenomen.

Politiek meest aanwezig
Met 1379 ‘hits’ steekt Femke Halsema, tot 17 december jl. partijleider van GroenLinks, met kop en schouders boven haar vrouwelijke collega’s uit. Tegelijk is de categorie ‘politiek’ ook veruit de grootste. In de top 10 van meest geciteerde vrouwen staan dan ook uitsluitend politici. Na Halsema volgen Rita Verdonk (629 keer) en Gerda Verburg (619 keer genoemd). De grootste categorieën na de politiek zijn sport (Nicolien Sauerbreij, 229 keer) en media (Linda de Mol, 218 keer).

Mannen versus vrouwen in de media
Femke Halsema mag dan de meest zichtbare vrouw zijn geweest in het nieuws van 2010, uit het onderzoek blijkt voorts dat zij zich vooral omringd ziet door mannen. De posities die veel media-aandacht krijgen worden voornamelijk bezet door mannen. Wel zien we dat gemiddeld de vrouwelijke Kamerleden (iets) meer media-aandacht krijgen dan hun mannelijke collega’s.
In de ranglijst van alle politici komt Femke Halsema als eerste vrouw op de zevende plaats voor. Ná Wouter Bos maar vóór Alexander Pechtold. Geert Wilders voert de algemene lijst aan met aandacht in 6406 artikelen.

Methode onderzoek
Media-aandacht is vooral weggelegd voor partijleiders en politici van grote partijen en wordt vaak bepaald door incidenten en kwesties, zo laat het onderzoek van de Nederlandse Nieuwsmonitor zien. Voor de mediaprijs zijn de dagbladen met een bruikbare website en de informatieve actualiteiten tv-programma’s van de publieke omroep bekeken. Voor een vergelijking met andere maatschappelijke sectoren is gebruik gemaakt van de lijst van de 100 ‘machtigste’ vrouwen in Nederland, zoals opgesteld door het tijdschrift Opzij, aangevuld met een aantal vrouwelijke deskundigen die volgens de initiatiefnemers nog in de lijst ontbraken.

De Vrouwen in de Media Award 2010, een bronzen beeld van kunstenares Yvonne Visser, wordt binnenkort aan Femke Halsema overhandigd. Zij heeft laten weten de Award graag in ontvangst te nemen.

Het onderzoek Vrouwen in de Media 2010 is hier te downloaden.

Het onderzoek en de award zijn mede mogelijk gemaakt door Eureko Academy Life & Pensions en BDO Accountants & Adviseurs.

Nieuw type ondernemer in opkomst

Uit onderzoek van PerspeXo, gepubliceerd in de white paper “Breek door het eerste ondernemerskantelpunt heen” in de reeks “Winstverbetering, waardecreatie en waardering in het MKB”, blijkt dat kleine bedrijven (tot 10 man personeel) het op bijna alle terreinen zwaar hebben. Meer dan 250 ondernemers hebben de Schijf van Vijf™-scan ingevuld en ruim 60 ondernemers hebben meegewerkt aan het diepteonderzoek maart-juli 2010.

De voornaamste conclusies uit het onderzoek zijn:
1. Nieuw type ondernemer in opkomst:

  • Afkomstig uit het grootbedrijf, met de wil om structureel te bouwen aan een groot winstgevend bedrijf.
  • Jonge ondernemers die vanuit de collegebanken een bedrijf hebben opgericht: uitdaging is om de (mentale) switch te maken van “creatief” naar “manager”.

2. Finance is de achilleshiel bij kleinere bedrijven. Vaak stuurt de boekhouder de ondernemer aan in plaats van andersom.
3. Ondernemers geven aan zelf een grote risicofactor te zijn voor het bedrijf.
4. Kracht van kleinere bedrijven zit in sterke identiteit, gedrevenheid en marketing.
5. Gevestigde ondernemers hebben vaak een blinde vlek voor verborgen waarde in hun bedrijf.
6. Doorkijk naar de toekomst: bedrijven voorbij het eerste kantelpunt hebben allemaal een versterking van directie en verankering van processen in het bedrijf meegemaakt.

Annegien Blokpoel, directeur PerspeXo en auteur bestseller ‘Maak je bedrijf meer waard‘: “Een nieuwe lichting ondernemers timmert aan de weg. De kennis en ervaring opgebouwd in internationale bedrijven én de flexibiliteit van creatieve jonge ondernemers leveren snel groeiende innovatieve bedrijven op. Met focus op winstgevendheid en een gericht steuntje hebben deze ondernemers een goede kans om succesvol door het eerste kantelpunt heen te breken.”
Sinds 2007 doet PerspeXo regelmatig onderzoek onder ondernemers in het MKB.

Over PerspeXo
PerspeXo is een onafhankelijk strategisch adviesbureau, gericht op winstverbetering, waardecreatie en waardering binnen en voor bedrijven. De dienstverlening bestaat uit strategische adviezen aan directies, hands on mobiliseren van interne en externe partijen en structurele waardecreatiebegeleiding (op maand- of kwartaalbasis). Voor ondernemers van het eerste en tweede kantelpunt is het MBW™(Maak je bedrijf meer waard)-programma ontwikkeld.

Twitter en Google sterk in opkomst als informatiebron

Twitter is bezig aan een sterke opmars als nieuwsbron voor journalisten en bloggers. Meer dan de helft van de journalisten en bloggers in Nederland heeft een Twitter-account en van hen gebruikt maar liefst 88% het kanaal voor nieuwsvergaring. Dit komt naar voren uit een onderzoek onder 215 journalisten en bloggers, uitgevoerd door ANP Pers Support, Marketingfacts, LEWIS PR en Stichting One.

Naast Twitter merken de respondenten ook Google aan als manier om te zoeken naar nieuws. 82% van de respondenten zet de zoekmachine daarvoor in. Als startpunt in de zoektocht naar achtergrondinformatie scoort Google nog hoger: maar liefst 99% van de journalisten en bloggers weet zijn weg naar Google te vinden.

83% van de journalisten gebruikt Twitter om zijn artikel te promoten en 58% van hen gebruikt het kanaal om achtergrondinformatie bij een artikel te verkrijgen.

Ondanks de opkomst van Google en Twitter als nieuwsbron, geven de respondenten aan nog steeds waarde te hechten aan ‘traditionele’ persberichten. Vier op de vijf verwacht dat het persbericht niet uit het medialandschap zal verdwijnen.

“De resultaten van het onderzoek laten zien dat journalisten en bloggers steeds meer kanalen inzetten om nieuws te zoeken. Dat Google voor achtergrondinformatie bij een artikel wordt gebruikt is niet verrassend, maar dat het ook wordt gebruikt om op zoek te gaan naar nieuws des te meer”, zegt Jan Willem Alphenaar van Stichting One. “Voor bedrijven betekent dit dat hun SEO steeds belangrijker wordt en dat ze daar op alle mogelijke manieren rekening mee moeten houden.”

Verstaanbaarheid van Nederlanders die Engels spreken kan stukken beter

Symposium over het belang van de uitspraak van Engels in Nederland

De rol van het Engels wordt steeds groter in Nederland. Het belang van een verstaanbare Engelse uitspraak wordt echter nog onderschat. Terwijl het verschil tussen het onderhandelen over ‘celery’ of ’salary’ toch behoorlijk is. De Vrije Universiteit Amsterdam en de Universiteit Utrecht organiseren op 24 en 25 juni het symposium ‘Uitgesproken Engels’ over het belang van Engelse uitspraak en praktische oplossingen om de uitspraak te verbeteren. Er is naast het wetenschappelijke programma ook een praktijkgericht programma voor scholen (24 juni) en voor bedrijven en media (25 juni).

Gebrekkige uitspraak nadelig bij onderhandelingen
Door gebrekkige Engelse spreekvaardigheid – zo laat onderzoek van de Europese Commissie uit 2006 zien – benadeelt een kwart van de destijds onderzochte Nederlandse bedrijven zichzelf, voornamelijk tijdens onderhandelingen. Het symposiumprogramma voor bedrijven en media gaat onder andere in op typische uitspraakproblemen van Nederlanders en op de vraag hoe je taalbeleid en -training in je organisatie kunt vormgeven. Ook is er een workshop waarin deelnemers feedback krijgen op hun eigen uitspraak van het Engels.

“If you’re so smart, why do you sound so Dutch?”
Sprekers uit de wetenschap, het onderwijs en de media leveren een bijdrage aan het symposium.
Zo vertelt Joe-Eun Kim van de BBC over de manier waarop de uitspraak bij de Britse omroep wordt gereguleerd, houdt Annemieke Meijer (IVLOS, Universiteit Utrecht) een lezing met de titel “If you’re so smart, why do you sound so Dutch?” en stelt Vincent van Heuven (Universiteit Leiden) de vraag “Hoe verstaanbaar is steenkolenengels?”

Aanmelden
Het symposium is toegankelijk voor alle taalgebruikers, inclusief zakelijke gebruikers en publieke instellingen, docenten, studenten en onderzoekers. Deelname kost € 50,- voor 2 dagen. Kijk voor het programma en aanmelden op de website van de Universiteit Utrecht.

Kleding op het werk, een psychologisch spel

Kleding zegt alles. Uit onderzoek is gebleken dat 85% van het zakelijk succes afhangt van het vermogen om vertrouwen en respect te winnen. Dit gebeurt vooral op basis van uiterlijk en sociale eigenschappen.

Witha Bolijn van De Kunst van Stijl heeft daar een geheel eigen kijk op: “Om goed zaken te doen, politiek te bedrijven of anderen te overtuigen wordt er naast het inzetten van kennis een heel psychologisch spel gespeeld door middel van uiterlijk en uitstraling.
Daar valt veel mee te winnen. De begrippen dominant, gelijkwaardig of ondergeschikt zijn hierin belangrijk. Afhankelijk van het onderwerp en de ‘tegenstander’ kan de speler door middel van zijn of haar kledingstijl kiezen voor een van de drie. Dominant vraagt om kleding die de ik-figuur centraal stelt en dus alle aandacht naar zich toe trekt.
De stropdas, als die tenminste de goede kleur en knoop heeft, is een duidelijk voorbeeld van autoriteit waaraan niet te tornen valt. Als de tegenspeler daarentegen een ‘wij samen’ gevoel moet krijgen kan de stropdas af. Als premier Balkenende de president van een ander land ontmoet doet hij zijn das alleen af tijdens het informele deel van het bezoek. Als hij gaat racen met een snelle auto doet hij dat ook zonder stropdas.”

Praten zonder woorden
In zakelijke contacten is het belangrijk om vooraf goed te bedenken met wie het gesprek plaats vindt en daarop de kleding aan te passen. Maar kledingstijl die alleen is gekozen op uiterlijk is niet het enige dat telt. Als de stijl niet past bij de binnenkant van een mens, is de ander al snel afgeleid door het onbehaaglijk gevoel dat er iets niet klopt. “Het kan maar zo zijn dat daardoor de slag wordt verloren. De Kunst van Stijl leert professionals in een workshop wat de psychologie achter hun uitstraling is en wat ze kunnen bereiken door zich anders te kleden, want alleen al door uitstraling wordt meer verteld en verkocht dan ooit in woorden kan worden gezegd.”
De workshop is voor veel mensen een openbaring. Sommigen vinden het wel best en willen er eigenlijk niet zoveel van weten maar het merendeel is nieuwsgierig naar de informatie. Bij sommige mensen zie je een ware transformatie. “Met name mannen zijn vaak erg geïnteresseerd en zitten vol vragen. Onzekerheid over wat wel en niet kan op kledinggebied is voor bijna iedereen herkenbaar en ik dan ook uitgebreid in op vragen. Wie wil kan daarna via een persoonlijk advies nog verder komen in het leren kennen van zijn of haar eigen stijl.”

Nederlander ‘netwerkt’ 7 uur per maand

Onderzoeksbureau Multiscope heeft met een grootschalig online marktonderzoek onder 14.686 Nederlanders de kennis, houding en het gedrag rondom sociale media in kaart gebracht. Hieruit blijkt dat de gebruiksintensiteit van sociale media websites voorlopig voorlopig nog achter blijft bij de hoge naamsbekendheid. Gemiddeld besteedt men zo’n 7 uur per maand aan sociale online netwerken.

Het speelveld
Op dit moment bevindt het gebruik van social media zich in een overgangsfase. De naamsbekendheid is hoog, maar de tijdsbesteding is nog relatief laag. Ook is er een groep die afwachtend is als het gaat om actief deelnemen aan sociale netwerken. Gemiddeld gebruikt men 1,8 social media websites naast elkaar. Slechts 3% kent geen enkele sociale media website, 11% geeft aan van geen enkele sociale media website lid te zijn of een profiel te hebben, 17% zegt de afgelopen maand geen sociale media website gebruikt te hebben.

Hyves en YouTube zijn samen goed voor 70% van de totale social media tijdsbesteding in Nederland. Twitter is inmiddels bekend bij 76% van de internetpopulatie. Wanneer we de huidige gebruikers vragen naar hun te verwachten gebruiksintensiteit in het komende jaar, zien we dat de meeste groeipotentie zit bij LinkedIn (+33%) gevolgd door Twitter (+26%). Het verschil tussen ‘kijken’ en lidmaatschap is het grootst bij YouTube. Dit komt waarschijnlijk omdat YouTube meer een consumptie- in plaats van een participatieplatform is. Daarnaast zouden gebruikers drempels kunnen ervaren bij het zelf publiceren van video.

Messaging
In het onderzoek is ook gekeken naar de tijd die men besteedt aan online messaging. Dit blijkt aanzienlijk hoger te liggen dan bij social media. Uit het onderzoek blijkt dat men MSN Messenger (26 uur), Google Talk (20 uur) en eBuddy (11 uur) het meest intensief gebruikt.

Sociaal contact
De voornaamste reden om social media te gebruiken is om contact te onderhouden met vrienden en familie (74%), als aangenaam tijdverdrijf (45%) en het delen van een hobby of interesse (24%). Daarnaast geeft 15% aan het te gebruiken om nieuwe mensen te ontmoeten.

Van de respondenten is 61% het oneens met de stelling dat je door het gebruik van sociale media minder ‘echt’ contact met mensen hebt (neutraal 25%, eens 14%). Ook vinden veel Nederlanders (47%) niet dat met virtuele ontmoetingen afstanden tussen mensen worden vergroot (neutraal 30%, eens 23%).

Methodiek en verantwoording
De cijfers uit dit marktonderzoek zijn tot stand gekomen door een grootschalige peiling onder het Multiscope online consumentenpanel, waarbij in totaal 14.686 leden het onderzoek volledig hebben ingevuld. Het veldwerk is uitgevoerd in maart 2010. Het onderzoek is representatief voor de online populatie.

Over Multiscope
Multiscope is een toonaangevend online onderzoeksbureau. Het bedrijf voert landelijk representatief marktonderzoek uit via haar consumentenpanel (140.000+ leden), B2B panel (55.000+ leden) en een zevental gespecialiseerde doelgroepenpanels. Daarnaast ondersteunt Multiscope opdrachtgevers met software voor online marktonderzoek. Multiscope voert online marktonderzoek uit sinds 1996.

  1. Het percentage van de internetpopulatie dat deze social media website kent (geholpen naamsbekendheid)
  2. Het percentage van de internetpopulatie dat zegt een profiel / lidmaatschap bij deze social media website te hebben
  3. Het percentage van de internetpopulatie dat zegt deze social media website in de afgelopen maand te hebben gebruikt
  4. Aantal actieve gebruikers van deze social media website vermenigvuldigd met hun gemiddelde gebruiksintensiteit (uren per maand)
  5. Het percentage van de huidige gebruikers dat verwacht in het komende jaar meer of minder gebruik te maken van deze social media website

MKB-gebruik software Het Nieuwe Werken

Ten opzichte van het Midden- en Klein Bedrijf (MKB) wereldwijd loopt het Nederlandse MKB niet voorop bij investeringen in software die medewerkers helpt altijd en overal – en dus efficiënter – te kunnen werken. Dat blijkt uit een onderzoek van Microsoft naar het gebruik van IT-technologie door MKB-ers in vijftien landen wereldwijd. Waar Nederlandse MKB-ers eerst voorop liepen bij investeringen in IT, maken zij op dit moment minder gebruik van software voor online vergaderen, CRM en het samen werken aan documenten, dan collega’s wereldwijd. Om de ondernemers de toegevoegde waarde van software die ‘Het Nieuwe Werken’ mogelijk maakt, te laten ervaren, start Microsoft een praktijkgerichte campagne, inclusief gratis informatiesessies.

Waar de grote meerderheid van de Nederlandse MKB-ers beschikt over een server (79,3%), back-up (90,8%), email (96,4%) en website (88%), wordt software die het mogelijk maakt om efficiënter en altijd en overal te kunnen werken, veel minder gebruikt. Zo geeft 45,4% van de Nederlandse MKB-ers aan niet over software te beschikken om samen te werken aan documenten.
Dat is het hoogste percentage van alle landen en een stuk hoger dan het gemiddelde wereldwijd (23,2%). Bijna tweederde (64,9%) van de Nederlandse MKB-ers beschikt evenmin over mogelijkheden om online te vergaderen. Ook dat is aanmerkelijk hoger dan het gemiddelde van 40% van alle andere landen.

Remmende voorsprong
Volgens Microsoft Nederland is de wet van de remmende voorsprong van toepassing op het Nederlandse MKB. Waar zij in eerste instantie voorop liep bij de investering in een goede server, back-up, email en website, is het nu echt tijd om de volgende stap te zetten. “Maar”, zegt Arjan Oude Kotte, directeur MKB bij Microsoft Nederland, “ondernemers moeten daarbij geholpen worden.
De toegevoegde waarde van software die medewerkers helpt efficiënter en altijd en overal te werken, moeten zij simpelweg ervaren in de praktijk. Een voorbeeld van zo’n praktijksituatie was afgelopen winter, toen de weersomstandigheden ervoor zorgden dat veel werknemers thuisbleven. Maar weinig medewerkers konden thuiswerken, samenwerken of hadden toegang tot belangrijke informatie. Dat is simpelweg verspilling van tijd en geld. Om deze reden vormt de praktijk ook het uitgangspunt van onze nieuwe campagne en de gratis inspiratie- en informatiesessies die ondernemers op diverse plaatsen in het land kunnen volgen.”

E-commerce en CRM
Als het gaat om software die klanten van het MKB in staat stelt om online diensten te kopen, e-commerce, geeft 68,1% aan hier niet over te beschikken. Wereldwijd ligt dit percentage gemiddeld op 45,6%. Meer dan een derde (39,8%) van de Nederlandse MKB-ers geeft aan niet te beschikken over software om klantgegevens te interpreteren en benutten (CRM), ten opzichte van het gemiddelde van 30,4% wereldwijd.

Belang IT erkend
De achterstand in software die het nieuwe werken mogelijk maakt, betekent niet dat de Nederlandse ondernemer het belang van IT voor zijn onderneming onderschat. Toch is hij ook daarin nuchterder dan zijn collega’s wereldwijd: 78,1% van de Nederlandse MKB-ers geeft aan dat IT ‘kritiek’ of ‘zeer belangrijk’ is voor het dagelijks functioneren van hun onderneming, ten opzichte van 85,9% van alle MKB-ers wereldwijd.

Informatie- en inspiratiesessies
Tijdens de gratis informatie- en inspiratiesessies krijgen ondernemers meer informatie over ‘Het Nieuwe Werken’, de voordelen maar ook de valkuilen. Ook wordt een praktische aanpak doorgesproken en komen diverse scenario’s aan bod die de ondernemer kan toepassen op zijn eigen bedrijf. De sessies worden gegeven op verschillende locaties in het land. Ondernemers die willen deelnemen kunnen zich aanmelden via www.microsoft.nl/hnw/mkb.

Over het onderzoek
Het Microsoft Small Business Technology Index 2010 onderzoek is uitgevoerd door Vanson Bourne tussen november 2009 en januari 2010. In het onderzoek werden 3193 MKB-bedrijven met maximaal 500 medewerkers ondervraagd. Dat gebeurde in vijftien landen wereldwijd: Australië, China, Frankrijk, Duitsland, India, Japan, Nederland, Noorwegen, Polen, Singapore, Zuid-Afrika, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Aan het onderzoek namen 248 Nederlandse MKB-bedrijven deel.