Archief van de categorie ‘Female Business Interviews’

Met beide benen op de grond

Vrouwen bevinden zich in een spagaat, zegt Natalie Mieras. “Want een hoge status uitstralen vereist gedrag dat we met ‘mannelijk’ associëren. Maar vrouwen moeten ook aantrekkelijk zijn om gehoord en gezien te worden. En dat vereist voor vrouwen nou eenmaal ‘vrouwelijk’ gedrag.” Wat nu? Farah Nobbe en Natalie Mieras weten hoe je de spagaat kunt overbruggen.


Mieras en Nobbe zijn partners in Nobbe │ Mieras Trainingen, specialist in presentatietrainingen. Speciaal voor The Next Women NL schrijven zij portretten van bekende vrouwen. Wat valt op? Tenenkrommend of juist goed geschoten? Wat is goed en kan beter? Ook speciaal voor vrouwen bedachten zij een concept: ‘Speak up Dear!’ heet het.
Want niet alleen de spagaat speelt hen parten, er is nog iets aan de hand met vrouwen, merkten Mieras en Nobbe. Want toen zij voor hun boek Meestersprekers op zoek gingen naar inspirerende voorbeelden van vrouwelijke sprekers, hadden zij daarmee meer moeite dan het vinden van mannelijke inspiratoren. Want vrouwen hebben vaker dan mannen de neiging om het podium te mijden. “Vrouwen denken dat ze er met hard werken ook wel komen. Dat ze de top bereiken door gewoonweg de beste te zijn. Terwijl je om gezien en gehoord te worden niet alleen goed moet zijn. Je moet je letterlijk laten zien en horen, door het spreekgestoelte te pakken wanneer dat kan.” En dan is het niet alleen de boodschap die ertoe doet. Integendeel. “Uit onderzoeken blijkt telkens weer dat het niet zozeer gaat om wát je zegt, maar dat de ‘hoe-factor’ vele malen belangrijker is. Een spreker wordt als ‘goed’ gekwalificeerd door zijn of haar presentatie. Daarna komt pas de inhoud in beeld. Dat is zoals het werkt, niet zoals ik het wellicht zou willen zien.”

Wiebelen

En daar komt de spagaat om de hoek kijken. Want een goede presentatie geven, vereist dat je leiderschap uitstraalt. Hoe straal je leiderschap uit? “Door onder meer een lage gedragen stem, korte zinnen uit te spreken, op twee benen te staan; gedrag dat we met typisch mannelijk associëren.” En daar komt een probleem om de hoek kijken. “Want naast het uitstralen van leiderschap moet je als vrouw aantrekkelijk gevonden worden, wil jouw publiek jouw presentatie goed vinden. En gedrag dat we met typisch mannelijk associëren vinden we voor een vrouw vaak niet aantrekkelijk. Daarvoor zijn juist vrouwelijke gedragskenmerken nodig, zoals het hoofd een beetje schuin houden, veel lachen, op één been wiebelen. Gedrag dat statusverlagend werkt. Gedrag dus dat niet bijdraagt aan het vereiste om leiderschap uit te stralen.” Een spagaat die veel vrouwen zullen herkennen. En die de spindoctors van Hillary Clinton slapeloze nachten heeft gekost. Volgens Mieras scoren vrouwen ofwel te hoog op de masculiene waarden om aantrekkelijk gevonden te worden, of ze scoren te hoog op feminiene waarden om leiderschap uit te stralen. Waar het om gaat is het vinden van een balans, legt ze uit. “Je hebt beide nodig om invloed te kunnen uitoefenen en een goede spreker te zijn.”

Focus

Een balans die voor iedere vrouw in het verschiet ligt met het concept ‘Speak up Dear!’; een concept dat Mieras en Nobbe vertaalden in een training en een event. Op 17 november is zo’n event. Bedoeld om de aanwezige vrouwen te inspireren met boeiende sprekers. Maar vooral ook toe te rusten op de vaardigheid zo’n goede en boeiende spreker te worden. Met onder meer workshops waarin de status van vrouwen wordt gemeten aan de hand van verschillende variabelen. Het hart van de methode die Nobbe en Mieras ontwikkelden, is het inzetten van een focus. “Als je score is gemeten, dan is duidelijk waaraan je kunt werken. Dat doen we niet door te zeggen dat je stem lager moet klinken of dat je minder moet lachen. Dat is in veel trainingen wel het geval: tips en trucs om het anders te doen. Wij vinden dat ondermijnend. Het werkt ook niet. Gedragsverandering moet van binnenuit komen. Wat wij daarom doen is een zin meegeven die je helpt om je te concentreren op een andere focus. Het is een zinnetje dat in je achterhoofd meedoet en dat van daaruit ander gedrag motiveert.”

Dominant

Uiteraard geldt dit niet alleen voor het houden van een presentatie. Het aanleren of bewust inzetten van bepaalde gedragskenmerken is voor veel situaties handig en belangrijk.
Betekent dat nou dat een vrouw die te hoog scoort op masculien gedrag, in alle situaties een vleugje vrouwelijkheid mag toevoegen? “Nee, soms is het uiterst functioneel om dominant te zijn. Het gaat erom dat je leert monitoren wanneer welk gedrag effectief is. In de ene situatie kan het nodig zijn om vrouwelijker gedrag te laten zien, in andere situaties werkt mannelijk gedrag beter. Je moet als het ware kunnen schakelen tussen mannelijk en vrouwelijk gedrag. Als je dat kunt, ligt de wereld voor je open. Maar je moet het nog wel even laten zien. Door het spreekgestoelte te bestijgen dus.”

Het event op 17 november is voor hoogopgeleide vrouwen die het belangrijk vinden om verder te komen in hun werk. Ga voor inschrijvingen en meer informatie naar www.speakupdear.nl of bel 026-4463002. Speak up dear!

La Dolce Vita: met Ilse Huizinga naar Rome in maart 2012

“De drempel, dus het wel of niet kunnen zingen, voor mijn zangworkshop verlagen; dat wordt mogelijk door een stemworkshop aan te bieden die gecombineerd wordt met concrete presentatieworkshops en zakelijke netwerkgelegenheden,” vertelt Ilse Huizinga. Van 1 tot en met 5 maart 2012 organiseert zij met Bianca Meijsen de ‘Wine, Dine & Network Travel‘.

Met een groep ondernemende vrouwen naar Rome reizen en daar op interactieve wijze werken aan hun business, leren hoe hun woordkeuze, stem en houding hun overtuigingskracht kan versterken en hoe zij deze opgedane inspiratie vervolgens ook omzetten tot actie. “Deze trip is niet zomaar een gezellige vakantie met een hoog huisvrouwengehalte. We geven je de tools om ook daadwerkelijk iets met de workshops te doen. Het is een kwestie van wil en toewijding.”

Kunst, cultuur en een avontuurlijke instelling
Een paar dagen flink buffelen dus, maar dan heb je ook een goede pitch, een vernieuwd businessplan en een dosis nieuwe contacten. Enige ontspanning mag daarna niet ontbreken, dus alle deelnemers krijgen ook de mogelijkheid om wat Italiaanse kunst en cultuur op te snuiven.
“Ondernemende vrouwen, vooral ZZP-ers, met een avontuurlijke instelling en een liefde voor zang en kunst vormen onze doelgroep, maar daar hoef je echt geen topzangeres voor te zijn.”

Jazz met succes
Met zes cd’s op haar naam en een Edison nominatie kun je met zekerheid stellen dat Ilse Huizinga juist wél een van Neerlands beste en meest succesvolle jazz zangeressen is. Enkele weken geleden trof ik haar op een business seminar, waar zij te midden van 1200 ondernemers opstond en simpelweg direct vroeg wat ze nodig had: publiciteit. ‘Een vrouw die zelf de touwtjes in handen neemt’ was mijn eerste gedachte. En een vrouw die kunst, creativiteit en entertainment naar een hoog business level tilt. Hoe is dat ooit begonnen?

Self-made
Een toekomst als muzikant is niet ‘t meest zekere bestaan en het was vijftien jaar geleden dan ook een flinke stap om na een studie bedrijfskunde alsnog naar het conservatorium te gaan. Het was Ilses eerste zangleraar die haar ooit inspireerde om die stap naar een professionele zangcarrière te zetten. Maar hoe maak je zoiets waar? “Ik heb ‘t in eerste instantie helemaal zelf gedaan. Ik heb mijn eerste cd zelf geproduceerd en heb mijn eigen promotie gedaan. Het was een kwestie van de media achter hun broek aanzitten. Blijven bellen, blijven babbelen, kortom: gewoon doen,” aldus Ilse. Het was geen vergeefse moeite; de eerste recensie was fantastisch en de deuren waren geopend.

Goed product
Free publicity dus. Van glossy magazines tot vakbladen en kranten. Daarbij ben je in grote mate afhankelijk van de persoonlijke mening van een recensent. Niettemin heb je zelf ook een flinke vinger in de pap. Ilse: “Ik werk altijd vanuit het idee dat als de kwaliteit van het product optimaal is, het product zichzelf verkoopt. Ik mag dan gepokt en gemazeld zijn in free publicity, maar ik sta dan ook volledig achter mijn product.” En die productenrange breidt Ilse dan ook graag uit. Naast cd’s, live optredens en zangworkshops is de combitrip naar Rome het meest recente voorbeeld. Dit partnership linkt entertainment en kunst met business training en zakelijke groei.

Spiley Powershoot

Ook wel eens moeite met het veinzen van een lach als je op de foto wordt gezet? Maar liefst 90% van de mensen voelt zich ongemakkelijk tijdens het poseren voor de camera. Petra van Vliet, fotografe en onderneemster in hart en nieren, introduceerde de Powershoot® om die cameravrees te kunnen vergeten. Ik sprak haar tijdens een gezellige lunch in de Jordaan.

Je hebt acht jaar geleden je vaste baan opgezegd. Wat was jouw drijfveer om te gaan ondernemen?

“Via mijn baan kwam ik op de geweldigste plekken op de wereld, maar dit kon ik nooit met iemand delen. Fotografie was mijn manier om het thuisfront te betrekken bij mijn avonturen. Dat ik hield van fotograferen, wist ik altijd al, maar ik wilde het beter kunnen. Ik wilde een mooie foto niet meer aan het toeval overlaten. Daarom besloot ik te beginnen met de fotoacademie. Ik heb van de ene op de andere dag mijn baan opgezegd, ik wilde niet blijven hangen in een baan die niet fijn voelde.”

Hoe heb je je ontwikkeld in je vakgebied?

“Tijdens mijn opleiding werkte ik als fotografieassistente. Daardoor kwam ik erachter dat de theorie en praktijk een enorme discrepantie vertoonden en aangezien ik niet langer mijn tijd wilde verspillen, stopte ik met de opleiding. Ik besloot het gewoon te gaan doen. Ik heb de eerste jaren veel geoefend, naam gemaakt, mijn netwerk uitgebreid en na vier jaar kwam ik op een kruispunt. Ik wist dat ik de keuze had om door te gaan waar ik mee bezig was, of om juist te focussen op mijn kracht: mensen op hun gemak stellen. Mensen helpen anders naar zichzelf te kijken, want iedereen kan mooi zijn. Toen heb ik de Powershoot® geïntroduceerd.”

Wat is er zo uniek aan die Powershoot®?

“De meeste fotografen werken vanuit een kunstzinnig oogpunt en modelleren mensen naar dat plaatje. Prima als het om modellen gaat, maar een gewoon mens voelt zich er ongemakkelijk bij om te moeten voldoen aan iets wat hij of zij niet is. Dat doe ik juist niet. De Powershoot® – een beschermde merknaam – heb ik ontwikkeld, omdat ik een gat in de markt zag wat betreft het fotograferen van ‘echte mensen’. Ik kijk ik naar de persoon die ik voor me heb. Ik ben bezig met hem of haar, we maken lol en zien wel wat voor foto’s daaruit komen. Ik focus niet op de techniek, maar op de mens. Het belangrijkste is dat mensen zich ontspannen en blij voelen.”

Wie vormen jouw belangrijkste doelgroepen?

“Ik zet mijzelf breed in de markt en werk met particulieren en bedrijven. 90 procent van de mensen vindt het doodeng om voor de camera te staan en iedereen zegt van tevoren dat ze niet fotogeniek zijn. De Powershoot® laat zien dat iedereen deze onzekerheden kan overwinnen. Ik doe zo’n Powershoot® voor particulieren, maar ook voor groepen in de vorm van een workshop om mensen anders naar zichzelf te laten kijken en om teambuilding te stimuleren. De Powershoot® heeft een groot effect in een korte tijd.”

Sinds drie jaar is de Spiley jouw symbool. Hoe is dit idee begonnen?

“Fotografie dekte de lading van mijn werk niet meer. Ik heb een boodschap en wil die uitdragen. Een vriendin kwam het in een symbolenboek tegen, de naam is door een vriend bedacht. Het is een smiley die zonder ogen, zonder opgelegde schoonheidsidealen de wereld in kijkt. Enkele maanden nadat ik de Spiley als mijn ultieme symbool had geadopteerd zag ik een actiefoto van mijzelf. Ik stond met een grote lens voor mijn gezicht, alleen mijn glimlach kwam er onderuit. Toen drong het door; ik ben die Spiley zelf!

Wat wil je met deze Spiley bereiken?

“De boodschap van de Spiley is tweeledig. Allereerst zegt het dat als je kijkt vanuit je hart, je andere beslissingen neemt. Je hart ziet mooie dingen in iemand. Ten tweede stimuleert het de glimlach. Lach naar de wereld en je zult zien dat mensen je volstrekt anders benaderen. De Spiley is het symbool van wat ik met mijn voornaamste product, de Powershoot® wil uitdragen.”

Heb je een specifieke marketingstrategie?

“Ooit las ik Calimeromarketing (Karen Romme, MC) en kwam er tijdens het lezen achter dat ik alle principes eigenlijk al toepaste. Mijn marketingbudget was vrij laag. Dankzij veel free publicity en het aanbieden van korting in de Libelle kreeg ik vanaf het moment dat ik de Powershoot® introduceerde veel klanten. Verder genereerde ik vanaf mijn start business door mond- tot mondreclame en een sterk netwerk. Sinds ik social media inzet, komen de meeste klanten daar vandaan, iets waar ik vooral na de crisis actief mee werd. De crisis heeft een flinke impact gehad. Ik probeerde hier creatief op in te spelen door een fotoshoot toegankelijker te maken voor mensen met een beperkter budget. Profielshoots en speedshoots, waarbij ik bijvoorbeeld voor €10,00 één minuut foto’s schiet, zijn daar een voorbeeld van. En door de groei van social mediagebruik is de vraag naar dergelijke foto’s groot. Helaas wordt mij wel eens verweten dat ik de markt verpest door lage tarieven te hanteren, iets wat waar zou zijn als ik een professionele shoot van 2 uur voor €40,00 zou doen. In mijn visie heb ik juist een nieuwe markt aangeboord; iets wat je als ondernemer dient te doen.”

Wat zijn jouw ambities voor de komende jaren?

“Ik wil in samenwerking met anderen een boek schrijven over schoonheid en de reden dat wij zulke oordelen hebben over onszelf. Oordelen weerhouden ons ervan om onszelf in onze volle glorie te laten zien. Ik heb ontzettend veel mensen voor de camera gehad en zie dat mensen zichzelf te erg beperken. Ikzelf ben daar ook lang schuldig aan geweest. Verder maak ik momenteel filmpjes voor www.rauwopjedak.nl. Dan sta ik voor de camera, in plaats van erachter. Wellicht dat ik me daar verder in ga ontwikkelen.”

De stormparaplu – Interview met Philip Hess van senz

Drijfnat arriveerde ik gister op de sportschool; een paraplu was geen overbodige luxe geweest tijdens mijn korte fietstocht. De plu die ik in mijn gang heb staan, valt van ellende uit elkaar door de harde rukwinden die hij niet kon weerstaan. Hoog tijd om te investeren in een degelijke plu, neem ik mijzelf voor.

Blij toe dat er sinds viereneenhalf jaar een ware innovatie op het gebied van paraplu’s op de markt is. Daar waar het traditionele ontwerp maar liefst 3000 jaar dienst heeft gedaan – en nog doet – waren er ineens drie enthousiaste studenten die besloten dat het anders moest. Dit resulteerde in een gezamenlijk afstudeerproject en een wereldwijd, daverend succes. Ik sprak Philip Hess (31), medeoprichter van senz°, die samen met Gerwin Hoogendoorn (CEO) en Gerard Kool (CFO) de stormparaplu naar ongekende hoogte bracht.

Van de schoolbanken naar de praktijk
Hoe doe je dat als vers-van-de-pers afgestudeerde in een wereld met ervaren ondernemers? vraag ik mij af. “We beseften al heel snel dat we eigenlijk weinig wisten,” antwoordt Philip. “En dat leidde tot aardig wat onzekerheid. Hoe pak je iets aan? En moet ik zelf een pak aantrekken om serieus over te komen? Het was een zoektocht, maar de uitkomst was simpel: je moet jezelf zijn en geen toneelstuk opvoeren. Ik draag daarom geen pak en bij mijn zakelijke relaties maak ik gewoon dezelfde beroerde grappen als bij mijn vrienden”. De onzekerheid verdween door deze ‘echtheid’ als sneeuw voor de zon. Investeerders en adviseurs namen de drie mannen zonder aarzeling serieus en maakten de heren deel van hun kennis en ervaring.

Outsmarten, niet outspenden
In amper negen maanden had senz° commerciële dekking in het grootste gedeelte van Europa, de VS en Japan. De marketingstrategie? Slim zijn! Philip: “We hadden geen marketingbudget. Alles deden we op basis van free publicity. We beseften dus dat we onze concurrenten niet moesten outspenden, maar outsmarten. Daarbij hadden we het voordeel dat ons product een heel praktisch probleem oplost; bij iedereen gaat er wel eens een plu kapot, dat zorgde voor de ‘O ja!’ reactie.”
De gunfactor was van meet af aan hoog. Een van de eerste campagnes die senz° wilde opzetten om hun product in de markt te zetten, was het maken van een filmpje waarin een paar parachutespringers tijdens hun sprong de stormparaplu boven hun hoofd zouden houden. “Die gasten vonden dat idee geweldig! We hoefden alleen de kosten voor de sprong te betalen (totaal 250 euro) en zij zouden het filmpje maken. In Amerika kwam het PR-bureau van onze Amerikaanse fabrikant met hetzelfde idee. $ 25.000 zou het kosten. Dan lach je je rot.”

Grenzen
Dat zo’n gigantisch succes op den duur zijn tol eiste, kan Hess beamen. “Als er iets is wat ik heb geleerd, is dat ook IK grenzen heb”, geeft hij schoorvoetend toe. “Ik dacht altijd dat ik veel kon hebben, omdat ik jong ben en altijd op hoog niveau heb gesport. Een burn-out is toch voor oudere mensen die niet in shape zijn?” Coaching en haptonomie veranderden zijn kijk op zichzelf; door zich op het randje van een burn-out te begeven, heeft hij geleerd zijn eigen grenzen beter te bewaken door de signalen van zijn lichaam op tijd te herkennen. Symptoombestrijding door minder in weekenden te werken, was niet de oplossing. Helemaal naar de kern, kijken waarom hij zoveel uren in zijn werk stopte. Dat bracht de ware verandering teweeg in zichzelf én in de organisatie door simpelweg meer en vooral ook kwalitatief beter personeel aan te nemen.

Het cement is gestort
De basis is inmiddels gelegd, de drie mannen zijn student-af en de juiste mensen zitten op de juiste plaats. Hoe nu verder? “Senz heeft veel mogelijkheden om een wereldwijd merk te worden. Dit willen we onder andere realiseren door ons assortiment uit te breiden, maar ook door geheel nieuwe producten te lanceren. We zijn een bedrijf met weerbescherming als core business. Dat betekent dat we ook de parasol als potentieel erkennen. Daarnaast richten we ons op geografische expansie. Maar onze echte droom? Dat kleine kinderen over tien jaar onze paraplu tekenen!”.
Kindertekeningen; de ultieme erkenning voor een ondernemer.

Het nieuwe werken werkt

Iedereen tevreden

De arbeidsmarkt aantrekkelijker maken, dat is volgens Roos Wouters wat moet gebeuren om knellende rolpatronen te doorbreken. Het Nieuwe Werken dus. En laten we vooral ophouden met anderen te veroordelen om de keuzes die zij maken in het leven, zegt Wouters. “De stellingen betrekken en de ander uitmaken voor ‘verwend prinsesje’ draagt niet bij aan een oplossing.”

Wouters schreef er een boek over. ‘Carrièrebitches en papadagen, hoogste tijd voor het nieuwe werken.’ “We willen niet onderdoen voor zowel onze oma als onze opa: opa werkte in de jaren ‘50 keihard om de naoorlogse economie op gang te helpen. Oma was verantwoordelijk voor een huishouden waar meestal meerdere kinderen rondliepen. Anno 2011 willen we het allebei: zowel thuis alles op rolletjes laten lopen en ons beiden uit de naad werken om carrière te maken.” Wouters stelt de zaken graag klip en klaar. Haar analyse is duidelijk: vroeger bestond er een strikte scheiding tussen degene die thuis werkte en degene die buitenshuis het geld verdiende. Nu is die scheiding nog zelden zo strikt, maar de inrichting van het werk is daarin niet meegegroeid en normen gelden onverminderd. “Mannen worden nog steeds aangesproken op hun financiële verantwoordelijkheid en vrouwen op de zorgtaken.” Door de arbeidsmarkt anders in te richten, kunnen de bezwaren van vrouwen om te gaan werken worden weggenomen en de bezwaren van mannen die graag willen zorgen eveneens. Flexibilisering is het toverwoord. Vooral aan de randen van de dag, zou die flexibilisering er wat Wouters betreft moeten komen. Daarover zo meer. Eerst wat over Roos Wouters zelf. Want de oorsprong van haar visie op werk en maatschappij, is zoals meestal een puur persoonlijke.

Ambitieus

Al jong kreeg ze kinderen. In het laatste jaar van haar studie de eerste en na 3,5 jaar nog een.
Ambitieus was ze als vanzelf na het afronden van haar studie Politicologie. Maar de kinderen fulltime naar een kinderdagverblijf brengen, was geen optie. Wat bleek was dat er ook voor afgestudeerden een duidelijk verwachtingspatroon of norm heerste: “Dat je net afgestudeerd fulltime aan de slag gaat, lijkt vanzelfsprekend. Ik bleef daarom lang in mijn laatste studentenbaantje hangen, want dat was wel met parttime werken te combineren.” Nadat kind twee zich aandiende, bleek een promotie in het verschiet; na haar bevallingsverlof in 2005 kon ze bij Felix Rottenberg aan de slag. Een gouden kans, waarbij parttime werken echter niet langer een optie was. Sterker nog: ze werkte zeven dagen per week, met een baby en een kind van bijna vier ernaast. “Na een jaar was ik zo overspannen dat de Arboarts mij verplichtte om te gaan ont-moeten in de zandbak. Letterlijk niks doen dus. Saillant detail bij dit alles was dat ik na de bevalling mijn stem was kwijtgeraakt. Die was wel weer teruggekomen, maar het zette me enorm aan het denken. Dat ik mijn stem terugkreeg, was voor mij een teken dat ik hem moest gebruiken. Daarbij kwam dat ik mijn probleem: het combineren van mijn ambities als moeder en werknemer niet langer als een privéprobleem zag. Het is een collectief probleem van al die vaders en moeders die zorg en werk moeten zien te combineren.”

Harnas

Een collectief probleem waarvoor de oplossing bestaat in het ter discussie stellen van de normen die samengaan met ‘zorg’ en ‘werk’. Zoals het harnas uit de jaren ‘50 aan de kapstok te hangen. Hoe? Het Nieuwe Werken (HNW). Een begrip dat vaak van stal wordt gehaald om de flexibilisering van de arbeidsmarkt te beschrijven. Een flexibilisering die vooral aan de randen van de dag voor de nodige ontspanning van werk en zorg zou kunnen zorgen, maar ook goed zou kunnen zijn tegen files en het milieu. Iets anders is dat we wat Wouters betreft nodig moeten stoppen met mannen als ‘watjes’ af te serveren en vrouwen als ‘verwende prinsesjes’ als zij buiten de rigide kaders van carrière-minnende echtelieden verkiezen te lopen. “Zolang mannen als Wouter Bos de hoon over zich heen krijgen als zij niet langer een 80-urige werkweek verkiezen omdat ze hun kinderen willen zien opgroeien, hebben we nog een weg te gaan.” Voor Carrièrebitches en Papadagen wilde zij Bos interviewen. Bos gaf echter aan zich niet op de borst te willen kloppen vanwege al die jaren dat hij juist geen thuis had gegeven. Nobel maar ook jammer, vindt Wouters. Want de keuze die Bos maakte door bij KPMG wel een papadag in te lassen maakt hem hoe dan ook tot rolmodel. “Mannen willen wel zorgen, maar ze willen daardoor niet een stap in hun carrière missen. En dat is nog steeds de norm: als je carrière wilt maken, dan werk je minimaal vijf dagen per week.”

Grenzen bewaken

Het is dan ook zeker geen specifiek vrouwenprobleem: het combineren van zorg en werk. “Het gaat niet alleen om flexibele werktijden, het gaat ook om de inhoud van je werk op jouw manier vorm geven. Een zekere mate van autonomie heeft iedereen nodig. De efficiencyslagen in de zorg bijvoorbeeld, het terugrekenen van taken in minuten zelfs seconden, zijn uiteindelijk heel inefficiënt.
Want zorgverleners zijn geen arbeiders in de fabrieken van Ford in de jaren ‘50, toen verregaande automatisering een forse efficiencyslag in de auto-industrie betekende. “Mensen zijn geen machines. Je moet de mogelijkheid hebben om je eigen persoonlijkheid mee te brengen in je werk. Dan geeft werken energie, in plaats van dat het je energie kost.” Naast een gewillige werkgever/leidinggevende kan nog veel meer gebruik worden gemaakt van ICT-mogelijkheden. In de zorg bijvoorbeeld. Daarom is het ook zo’n aantrekkelijk voorbeeld voor Wouters. “Met soms simpele oplossingen die de bureaucratische rompslomp verminderen is veel tijd te winnen. Zodat mensen weer kunnen doen waarvoor ze voor de gezondheidszorg kozen: zorgen voor mensen.” HNW levert uiteindelijk autonomere medewerkers op die tevredener zijn, flexibeler en loyaler. De winst is dus geenszins voorbehouden aan de medewerker, er is sprake van win-win omdat ook de werkgever er garen bij spint. “Als je aan zo’n medewerker vraagt om in tijden van grote drukte een extra tandje bij te zetten, dan is dat geen probleem.” De visie op werk is niet nieuw, erkent Wouters. Bill Gates riep jaren geleden ook al hoe digitale middelen een new way of work zouden creëren. Microsoft is dan ook een uiterst succesvol voorbeeld van HNW. Juist de Nederlandse vestiging. Door het ontbreken van een thuiswerkpolicy en de mogelijkheid je werk zo in te richten als je wilt, krijgt Microsoft het voor elkaar om een hogere productiviteit te realiseren en het kortdurende ziekteverzuim te verlagen.
Helaas is wel het langdurige ziekteverzuim gestegen: “Niet iedereen is in staat om zijn grenzen te bewaken en soms gaan mensen er te hard door werken. Microsoft zet zich dan ook in om ervoor te zorgen dat de medewerkers hun grenzen goed bewaken.”

Cultuur

Om bedrijven te stimuleren HNW over te nemen, heeft Wouters een stichting opgericht: hetnieuwewerkenwerkt.nl. Het moet bedrijven stimuleren om de mens centraal te zetten, kennisdelen te stimuleren en onafhankelijk van tijd en plaats te werken. Door certificaten uit te delen aan bedrijven die het predicaat HNW verdienen, wil de stichting dergelijke bedrijven een concurrentievoordeel bieden. “Het gaat om de middelen en mogelijkheden die een bedrijf biedt om HNW mogelijk te maken. Maar natuurlijk ook om de cultuur.” Geld verdienen doet Wouters er niet mee. Dat komt binnen door de lezingen en workshops die bedrijven bij haar afnemen. En door het boek natuurlijk, dat veel mensen gaan kopen.

The Next Women NL mag een exemplaar van ‘Carrièrebitches en Papadagen’ verloten. Stuur een mail naar ellen@thenextwomen.nl.

Interview Marian Mudder: “Het schrijven was er eerder”

Marian Mudder, schrijver, actrice en coach. Recent verscheen haar tweede boek. De Perfecte Minnares. Over een vrouw die op verkeerde mannen valt. Omdat, zoals ze in het gesprek zal zeggen: “Heel veel vrouwen met bindingsangst worstelen.” Maar eerst gaan we terug naar het begin. Want al kennen we Mudder al zo’n jaar of twintig als actrice, het schrijven was er eerst.

“Ik was negen toen ik in het meisjesblad ‘Tina’ een stripverhaal over Marie Curie las. De persoon Marie Curie fascineerde me mateloos. Ik besloot haar biografie te schrijven. Niet veel later begon ik een dagboek. Als uitlaatklep voor wat ik allemaal meemaakte, maar ook om orde te scheppen in de chaos in mijn hoofd. Op mijn twintigste was er de gedachte aan het schrijven van een boek. Maar het was niet meer dan een gedachte; nog minder dan een wens, laat staan een ambitie.”
Eigenlijk dacht ze dat ze het gewoonweg niet kon: fictie schrijven. Dat het te ‘groot’ was. Met acteren bleek ze minder moeite te hebben; ze speelde de laatste twintig jaar in televisieseries, films en op toneel. Hoe zit dat dan met acteren? Is dat gemakkelijker dan schrijven? “Nee, ook dat kan een gevecht met jezelf zijn. Worstelen met een bepaalde rol; het repeteren in het begin, als je eigenlijk continu voor lul staat. Ik denk dat je uiteindelijk bij elk creatief proces je diepste negatieve overtuigingen tegenkomt.”
Maar acteren heeft ze ook wel op een soort automatische piloot gedaan. Als Vera Prins in Baantjer bijvoorbeeld, een rol die ze jarenlang vervulde. Zodat ze op een gegeven moment bij een bepaalde tekst al van te voren kon inschatten hoe ze zou moeten bewegen. En al was het begin van Baantjer natuurlijk spannend en uitdagend, “Op het einde deed ik het met twee vingers in mijn neus.” Een gemoedstoestand die ze vooralsnog als auteur niet kent. “Op Twitter kwam laatst een mooie uitspraak voorbij:  ’Iedere schrijver moet zichzelf de lelijkheid van een eerste versie vergeven’, ik herken dat erg. Want hoewel ik het begin van het schrijfproces aan een nieuw boek met veel enthousiasme en plezier doorloop, weet ik dat er momenten komen dat ik het ga haten. Het verhaal, het schrijven, en het feit dat de rest van de wereld soms erg ver weg komt te staan. Het schrijven vraagt een dusdanige concentratie dat ik mij als vanzelf wat terugtrek uit de hectiek. Dat levert eenzame momenten op.”

Rouwproces

De Perfecte Minnares is een uiterst prettig geschreven boek, met voor wie het aangaat, veel herkenbare situaties. Je kunt het bijna een zelfhulpboek noemen, hoewel die boeken meestal humor ontberen, wat bij Mudder ruimschoots aanwezig is. Hoofdpersoon Eva is relatieverslaafd, vindt Mudder. Ze heeft een dusdanige bindingsangst, dat zij verliefd wordt op mannen die zich evenmin met háár verbinden. “Ik zie daar veel vrouwen mee worstelen. Ze zoeken onbewust iemand uit met dezelfde pijn als zij en als het dan niet werkt, dan is het de schuld van die man. Maar ze moeten eerst naar hun eigen pijn gaan kijken. We geven in het algemeen zo vaak de schuld aan anderen, maar vaak is het projectie van je eigen onbewuste patroon.”
Het kan haast niet anders of het boek is autobiografisch. Want zonder de thematiek te hebben doorleefd, kun je er eigenlijk niet op deze manier over schrijven. ” Natuurlijk zit er veel van mijzelf in, een soort emotionele ruggengraat die het boek draagt. En daar verzin ik dan allerlei verhaallijnen omheen. Die ik hoor van vrouwen om mij heen, die door research ontstaan en die aan mijn fantasie ontspruiten.”
Mudder maakte net als Eva in het boek mee dat een geliefde op het toppunt van hun relatie naar de andere kant van de wereld vertrok. Juist omdat het zo mooi was, mocht het niet kapot gaan aan sleur of andere zaken waaraan een relatie op den duur lijdt. Het viel voor Mudder in die tijd samen met de dood van een goede vriendin, en een intensief en zwaar rouwproces om het dubbele verlies volgde. Het leverde uiteindelijk veel moois op. Onder meer dat ze begon met het schrijven van haar eerste boek. Maar het deed haar ook doen beseffen dat stoppen met  ’moeten’ een belangrijke voorwaarde was voor een gelukkiger leven. “Door te stoppen met mijzelf van alles op te leggen, leerde ik mijn prioriteiten helder te houden. Niet door ver vooruit te denken. Ik houd een horizon van een jaar aan voor mijn toekomstplannen.” Dat maakt nieuwsgierig naar haar plannen voor het komende jaar. “Ik ga een derde boek schrijven, ik ga een lange reis maken en ik heb besloten dat het tijd is voor een nieuwe liefde.” Ze zegt het niet zonder te lachen. “Ja, dat leek mij nou eens een goed besluit.”


Het merk Marian Mudder

“Sterk, slim, stoer en sexy. Een Alfa Romeo. Ik schrijf toegankelijke boeken die wel ergens over gaan.

Mijn kracht is denk ik dat ik zware onderwerpen op een lichte en aangename manier breng en vooral met de nodige humor. Humor is zowel voor mijn werk als voor mijn leven een onontbeerlijk ingrediënt. Momenteel profileer ik me vooral als schrijver, maar ben en blijf natuurlijk ook coach en actrice. Het staat niet los van elkaar, alles in mijn werk heeft met elkaar te maken, waarbij mijn vermogen om mij goed te kunnen inleven in de gevoelens van een ander een belangrijke pijler is.
Het is fijn dat ik als schrijver controle heb over de indeling van mijn tijd. Belangrijk is ook dat ik als acteur het verhaal van een ander vertel, maar als schrijver mijn eigen verhaal. Dat schenkt me de meeste voldoening.”


Win een gesigneerd exemplaar van het nieuwe boek van Marian Mudder, ‘De Perfecte Minnares‘. Geef antwoord op de volgende vraag en mail het antwoord naar ellen@thenextwomen.nl: hoe heet het eerste boek van Marian Mudder? Uiterste inzenddatum: 20 mei.

Met dank aan de vele inzenders op onze prijsvraag ‘De Perfecte Minnares’, die allemaal de vraag goed hadden. Het antwoord moest zijn: ‘Geluksblind’. Metta van Straten is de gelukkige winnaar. Het exemplaar komt jouw kant op, Metta! Door het hoge aantal inzendingen kunnen we niet iedereen persoonlijk berichten.


Columniste LinerChi kruipt uit de anonimiteit

Preferenso: klantkoers gaat even belangrijk worden als beurskoers

Ze was hoofd marketing van NS Hispeed en heeft inmiddels 39 weken een column geschreven voor The Next Women NL: Linda Schulte, alias LinerChi. Linda schreef het afgelopen jaar over de overwinningen en worstelingen van een starter in spe. Nu ze full force gaat, kruipt ze uit haar anonieme schulp. Ellen Kleverlaan tekende het verhaal van Linda Schulte op.


“Ik ben erg voor transparantie. Dat ik ervoor koos om onder een pseudoniem te schrijven, heeft te maken met mijn werk. Een werkgever en collega’s zitten niet te wachten op iemand die aangeeft over een jaar op te stappen. Als je ontslag neemt, dan moet je niet te lang daarna ook werkelijk opstappen. Ik had echter wel de behoefte om dit afgelopen jaar te schrijven over wat mij bezighield. Het diende als motivatie voor mijzelf, als middel om te reflecteren. Ook zou het anderen kunnen motiveren, wat kom je tegen aan apen en beren op de weg naar ondernemerschap.

Preferenso is een online platform waarop consumenten hun mening kwijt kunnen over de service en kwaliteit van bedrijven en waarop bedrijven zich kunnen profileren. De dienstverlening in Nederland kan omhoog. Maar wie zijn de goede en wie de minder goede bedrijven? Het is voor klanten niet altijd duidelijk, meestal pas nadat je hebt gekozen. Het is een gat om nog te dichten in de markt, het gat tussen bedrijven en consumenten. Bedrijven willen heus wel graag service verlenen, maar luisteren niet altijd echt naar wat hun klanten daarover zeggen. Met dit platform hoop ik dat ze wel gaan luisteren. Met Preferenso breng ik daarmee het niveau van dienstverlening in Nederland omhoog. Dat is mijn hogere missie.
Preferenso is niet een klaagforum. Ik wil juist ruimte geven aan positieve meningen. Wat gebeurt er in de regel met een positieve brief van een klant? Die komt aan de muur van de kantine. Met Preferenso komt het op een podium, voor iedereen zichtbaar. Anno 2011 moet je als bedrijf of merk naar je klant toe om te horen wat ze van je vinden. De beurskoers zou eigenlijk minder belangrijk moeten zijn dan de klantkoers. Preferenso faciliteert de klantkoers op een onafhankelijke manier en daarmee de tijdgeest.

“Het stemmetje dat mijn roeping als ondernemer verwoordde, was er altijd. Maar loondienst was veilig en goed. Ik heb altijd met heel veel plezier gewerkt in banen die ik had.
Er is één groot nadeel aan loondienst, je kunt nog zo hoog in de boom zitten, belangrijke strategische beslissingen worden nu eenmaal bepaald door de hoogste baas. Toch zie ik een groot voordeel aan het feit dat ik pas na mijn 40e voor het ondernemerschap kies. Ik heb geleerd wat mijn waarden en normen zijn in hoe ik wil werken, ik neem nu een netwerk en levenservaring mee die ik niet zou hebben op mijn 20e.

“Op mijn zevende maakte ik al businessplannetjes. Een dierenpension in de tuin, waar mensen die op vakantie gingen, hun huisdier konden stallen. Ik bedacht hoeveel voeding er nodig was, welke dieren wel en niet mochten logeren en hoeveel geld ik ervoor zou vragen.
Mijn vader was ondernemer en eigenlijk mijn grote voorbeeld. Hij had een reclamebureau in displaymateriaal. In mijn herinnering kwam hij overal en had een boeiend leven.

“Op het idee achter Preferenso werd ik gewoon verliefd. Zo simpel is het. Toen wist ik dat ik mijn roeping om ondernemer te worden, kon omzetten in klinkende munt. Want ik heb niet alleen een hogere missie, ik wil er ook een succesvol bedrijf van maken. Het businessmodel achter Preferenso draait om de bedrijven die zich op Preferenso kunnen registreren.
Registreren moet sowieso, want ik moet wel weten dat de reactie van het bedrijf zelf is. Deze vorm van registreren is gratis. Daarnaast bied ik bedrijven de mogelijkheid om zich te profileren op de website. Het kost niet veel, ik ben daarin volkomen transparant: het staat gewoon op de site.

“Ja, ik ben ervan overtuigd dat hieraan een grote behoefte is in Nederland. Er zijn al meer landen waar een dergelijk platform, reviews van klanten, bestaat. Het is gewoon heel leuk om een compliment te geven, daaraan appelleer ik. Verbetervoorstellen en ideeën aan bedrijven zijn ook meer dan welkom. Daarmee kan een bedrijf of merk zijn voordeel doen. Ik geef met Preferenso een stem aan wie een pluim wil uitdelen na een ervaring met een bedrijf, én aan mensen die goede ideeën hebben voor hoe het beter kan. Eigenlijk wil ik met Preferenso een soort digitaal zeepkistje zijn.”

Preferenso.nl opent haar virtuele deuren in bèta. Het platform is nieuw en Preferenso is nog lerende en hoopt op korte termijn zoveel mogelijk beoordelingen te verzamelen van mensen.

Webshop WE: Succesvolle businesscase zonder toeters en bellen

Toen ze bij WE Fashion begon had ze weinig ervaring met E-commerce. Maar die webshop moest er per se komen, vond ze. E-commerce director Linda de Graaff van WE vertelt hoe ze binnen een jaar de organisatie meekreeg voor haar idee, een webshop lanceerde en een succesvol businessmodel neerzette.

De situatie was meer dan duidelijk, vond De Graaff. “Alle grote retailers hadden al een webshop. Klanten vroegen ernaar in de winkels. Onze doelgroep ging naar de concurrent als ze het gemak van een bestelling via internet zochten.” Online is de concurrentie van WE nog veel groter dan offline. “Er zijn naast Nederlandse aanbieders bijvoorbeeld verschillende Engelse retailers die tegen geringe kosten naar Nederland verschepen.”
En dan was er nog een andere duidelijk waarneembare trend: de verkopen in kinderkleding liepen terug. De reden? “Ouders vinden het gemakkelijker online te bestellen en dan thuis in alle rust te passen en te beslissen.”

Snelheid

Het was begin 2009 en snelheid was geboden, vond De Graaff. Er bestonden echter sterke interne bezwaren. “Er liep een groot ERP-project dat de hele organisatie belastte. Eigenlijk riep iedereen dat we dat eerst moesten afronden, voordat we ons op een nieuw ICT-project zouden storten.” Toen haar interimperiode afliep, kreeg ze van de nieuwe Chief Operational Officer van WE, John Hind, groen licht om het belang van de webshop op papier te zetten en zo de rest van de organisatie mee te krijgen. “Het managementteam ging akkoord met mijn analyse onder de belangrijke voorwaarde dat de webshop zo min mogelijk belasting voor de huidige IT-processen zou vormen. We moesten aanhaken op het bestaande systeem om de voortgang van het ERP-project niet in gevaar te brengen.”

Kassa

Externe kennis over en ervaring met het opzetten van een webshop was nodig. De Graaff koos voor Eurogroup vanwege goede referenties en omdat het met hen klikte. “De architectuur ontwerpen was de belangrijkste opdracht. De online shop moest een directe koppeling met de voorraad hebben, want we wilden niet uit backorder leveren. Bij ons krijg je geleverd wat voorradig is, we leveren niet na drie weken nog eens na.” Een directe koppeling met de voorraad in combinatie met rust voor de bestaande infrastructuur betekende dat WE online met een ouderwetse kassa zou gaan werken. “Alle online orders krijgen een barcode. Die worden elke dag uitgedraaid, gescand en daardoor ingevoerd in het bestaande systeem, zodat we weten wat er verkocht is, wat de omzet is geweest en dus ook wat de voorraad is.”

Hoofdaannemer

De volgende keuze die zich aandiende was het realiseren van het operationele deel van de winkel: logistiek (opslag, picking and packing), betalingen en transport. Om een gezonde businesscase te bouwen is gekozen voor een total outsourced model. Daardoor betaalt WE pas als ze omzet draaien en waren de initiële kosten laag. “Door outsourcing zouden we bovendien de eigen organisatie minimaal belasten en er was een aantal aantrekkelijke aanbieders op de markt, dat zich hierin al bewezen had.” De keuze viel uiteindelijk op TNT, die zich tegenwoordig ook als e-commerce aanbieder profileert. TNT trad op als hoofdaannemer voor Eperium (webshop), Neckermann (warehousing) en Adyen (betaalpartij).
“Naast een aantrekkelijke prijs hadden deze partijen een gedegen trackrecord.” Hoewel de voordelen op de korte termijn evident zijn, betekent dat niet dat op de lange termijn niet voor een andere operationalisatie wordt gekozen. “Naast lage initiële kosten, is het heel reëel om te veronderstellen dat outsourcen duurder is per order.”

Veel traffic

Nadat De Graaff in juni 2009 een GO had gekregen, stond de winkel in december 2009 online. In januari 2010 werd het eigen klantenbestand gemaild en in februari werd de shop breeduit in de eigen winkels bekend gemaakt. Het team van De Graaff, inmiddels tot zeven mensen gegroeid, zette advertenties op Google, kocht AdWords in en benaderde Tradedoubler als affiliate partner. Op stapel staat adverteren via vergelijkingssites. Veel traffic genereert de website wefashion.com. “75 procent van de bezoekers van de website klikt door naar de online shop. Zij zijn goed voor 56 procent van de omzet.” De omzet via de andere kanalen is ook meetbaar. “We meten altijd de daadwerkelijke conversie die onze partners genereren. Dus niet alleen het doorklikken op een banner of advertentie. Wij betalen alleen voor iedere aankoop die daarop volgt.”

Appels en peren

Eigenlijk hebben we heel veel gedaan met heel weinig budget. Dat budget kregen we ook niet los, want we moeten bewijzen dat we evengoed kunnen draaien als een gemiddelde winkel. Al betekent dat een businesscase bouwen waarin we appels met peren vergelijken. Een voorbeeld? Een fysieke winkel schrijft af op de inventaris/huisvesting; wij op het systeem. Maar de processen zijn in feite niet zo heel anders. De vrachtwagen met onze kledingvoorraad rijdt in het ene geval naar een winkel van WE en voor de online shop naar Neckermann.” Qua omzet draait de online winkel inmiddels 20 procent boven budget. Dat komt voornamelijk door een meevaller aan de kostenkant: het aantal retouren is lager dan van te voren geschat. Branchebreed ligt dat voor vrouwenkleding op 50 procent, mannen sturen minder vaak terug. Van te voren zette De Graaff in op 30 procent van de waarde retour, voor de kleding van men, women en kids tezamen. Het blijkt inmiddels nog minder. “25 procent van de aankoopwaarde komt terug. Dat komt voornamelijk door het aandeel mannenkleding. Dat gaat zowel off- als online heel goed.” Overall is de omzet als volgt verdeeld: women 40 procent, men 36 procent, boys 17 procent en girls 7 procent.

Ruim baan

Voor het najaar stonden twee belangrijke gebeurtenissen op stapel. De eerste was het opheffen van het kassasysteem. “Binnen de organisatie is er nu ruim baan om de webshop geheel binnen de WE-systemen te integreren.” De tweede helft van 2010 ging verder op aan het online veroveren van de buitenlandse markten waar WE actief is: Duitsland, Frankrijk, België, Luxemburg en later volgen nog Zwitserland en Oostenrijk. En hoewel De Graaff een exact omzetcijfer niet wil noemen, wil ze wel kwijt dat ze online aanhaakt bij de branchebrede groei naar 5 procent van de totale omzet, in vijf jaar tijd. Online maakt nu nog geen procent van de totale omzet uit. Haar CEO Wouter Kolk riep al eens dat over vijf jaar de totale omzet verdubbeld moet zijn tot 700 miljoen. Tel uit je winst.

Wie is Linda de Graaff?

Linda de Graaff (Haarlem, 1973) is e-commerce director bij WE Fashion Europa. Zij begon op haar 21e te werken bij een reclamebureau en haalde tussendoor haar NIMA en andere marketingcommunicatiediploma’s. Ze klom op van account executive tot account director, met altijd veel klanten in de retail. Zes jaar geleden besloot ze freelance te gaan werken.
De laatste twee jaar werkt ze voor WE. Eerst als vervanging van de marketing manager. In die functie pleitte ze voor het opzetten van een webshop voor WE, waarna ze haar werk voor WE vervolgde als e-commerce director.

Dit artikel verscheen eerder in Marketing RSLT; kwartaalbijlage van Tijdschrift voor Marketing
Fotografie: Ivo van der Bent

Al het nieuwe inspireert

Op TEDxWomen, dat op 7 en 8 december afgelopen jaar plaatshad, sprak de Zimbabwaanse kunstenaar Sithabile Mlotshwa. Uit haar eigen land verdreven vanwege haar ‘opruiende kunst’, maakt ze zich in Nederland sterk met stichting Thamgidi. Hieronder een verkorte en vertaalde weergave van haar speech.

Mijn geboortenaam luidt Sithabile Mlotshwa Mgidi Makhawulane Ngwalazindeni Mazibuko Ngwalongwalo Phakathi. Besloten in die naam ligt mijn identiteit: een dochter van het Zulu koninkrijk. Om me altijd te herinneren waar ik vandaan kom.

Mijn vroegste herinneringen lopen over van verhalen over onze grootsheid, verhalen over krijgers en een trots volk, verhalen van veroveraars zo puur dat ze niet omgingen met ‘insecten’ – mensen die gezien werden als inferieure leden van de maatschappij. Deze geschiedenis leerde me over een beschamende kant van mijn volk, die in haar streven de Ndebeke-natie uit te breiden met grondgebied, de vele lokale clans en individuen beroofden van hun waardigheid.

Universeel gedeeld verbond
Hoewel een deel van mijn opvoeding de nadruk legde op sociale verdeeldheid, was het de wijsheid van mijn overleden grootmoeder die mij ‘Ubuntu’ leerde: het geloof in een universeel gedeeld verbond. En ‘Umuntu ngumuntu ngabantu’: wat in Zulu zoveel betekent als: een persoon is een persoon door een ander mens.

Toen ik opgroeide begreep ik niet waarom mijn grootmoeder zoveel nadruk legde op Ubuntu, net zomin als ik besef had van de impact die deze woorden zouden hebben op mijn leven. Ik kan me herinneren dat ik antwoordde dat ik anders wilde zijn, wanneer mijn onderwijzeres vroeg wat ik wilde worden als ik groot was.

Dit verlangen om anders te zijn was iets dat diep in mij geworteld was – aangewakkerd door de onuitwisbare herinneringen uit mijn verleden en later de schaamte, verergerd door mijn opvoeding.

Etnische zuiveringen
De onuitwisbare herinneringen zijn de etnische zuiveringen die plaatsgrepen gedurende mijn kindertijd. Ik herinner me soldaten die de ogen van mijn oom smolten met plastic totdat hij blind was. Ik herinner me de verschrikkelijke momenten wanneer mijn ouders zich schuil hielden voor maanden achtereen. Ik herinner me soldaten die vrouwen verkrachtten en dan na een paar maanden terugkwamen om hun zwangere buiken open te rijten; hen was namelijk verboden om zich te vermenigvuldigen. Ik herinner me families die werden begraven of levend verbrand omdat ze hun emoties toonden wanneer hun dierbaren werden gedood.

Deze herinneringen zijn als een continue geheugensteun aan hoe snel en gemakkelijk dingen kunnen veranderen en hoe fragiel en kwetsbaar we zijn.

De woorden van mijn overleden grootmoeder echoën nog steeds achter in mijn hoofd. Ze herinneren mij eraan dat hoewel het leven vol verdriet kan zijn, het leven in gelijke mate mooi is en dat zelfreflectie en bescheidenheid nodig zijn om Ubuntu te verkrijgen.

Gered door de kunst
Hoewel deze ervaringen uit mijn kindertijd me hebben gevormd tot de artiest en de vrouw die ik ben geworden, is het de kunst geweest die me heeft gered.
Kunst creëert ruimte voor mentale voeding, inspireert nieuwsgierigheid, reflectie en diepte.

Ondanks dat ik getuige was van verschrikkelijke gruwelijkheden, zijn die mij bespaard gebleven en dus voel ik mij vereerd dat ik hier vandaag voor jullie sta.

Zoals met mijn cultuur – waar de veroverden geen stem hadden – bestaan een sociale scheiding en gebrek aan wederkerigheid ook in onze samenlevingen en in mijn veld; kunst en cultuur. Deze scheiding maakt het onmogelijk voor de nieuwe en onbekende stemmen om gehoord te worden. De afwezigheid van onbekende stemmen in kunst en cultuur resulteert in samenlevingen die in een constante staat van verandering verkeren. Dit verstoort de kracht van kunst en is er de oorzaak van dat het doel dat de bedoeling was niet wordt bereikt.

Maar je bent zwart
Snel na mijn eerste tentoonstelling in Nederland gebeurde het volgende. Een verzamelaar die de meeste van mijn kunstwerken had gekocht, vroeg aan de directeur of hij me kon ontmoeten. De directeur nam enthousiast contact met me op en vroeg of ik direct naar de galerie kon komen. Enthousiast haastte ik me naar de galerie. Toen ik binnenkwam werd me, door de man die daar stond, verzocht weg te gaan. Terwijl ik probeerde hem te vertellen wie ik was onderbrak hij me en vertelde dat dit een galerie was en dat hij een belangrijke gast verwachtte en mij daarom weg wilde hebben. Verrast door zijn reactie probeerde ik hem opnieuw te vertellen wie ik was, maar de man was niet in de stemming om naar me te luisteren. De galerie-eigenaar kwam binnen en zei tegen me: “Ah, je bent er al, dit is de man die je werken heeft gekocht.” Tot mijn verbazing zei de verzamelaar: “Is dit de artiest? Maar je bent zwart. Ik dacht dat Afrikaanse kunst naïef is – met Tongadeuren, spuug en Arabische gom. De kunst die ik heb gekocht is helemaal niet Afrikaans. Ik had een Nederlandse artiest verwacht en sinds wanneer gebruiken Afrikanen olieverf?”

Ik was zo geschokt en sprakeloos dat ik vol ongeloof ben weggelopen. Het beeld dat deze verzamelaar van Afrika had, overschaduwde de mogelijkheid dat creativiteit en schoonheid uit Afrika konden komen.

Het hebben van nieuwe ogen
Helaas was het niet mijn enige en laatste confrontatie. Deze ervaringen en de impact ervan zijn er de oorzaak van dat ik voorstel op een nieuwe manier naar kunst te kijken. Mijn voorstel is dat we van overal ter wereld naar kunst kijken als precies dat: kunst. Zonder het te willen vergelijken of categoriseren.
Het hangen van een label aan kunst maakt het een gedefinieerd object, identificeerbaar en niet divers. Voor mij heeft kunst geen grenzen of identiteit, maar is het een weerspiegeling van de manier waarop de kunstenaar de wereld om zich heen en zijn maatschappij ziet. Zodra kunst wordt gezien voor wat het is, zal de aanschouwer geen vooroordelen meer hebben over waar het vandaan komt, maar zich alleen maar afvragen wat de kunstenaar ermee wil overbrengen.

Om ervoor te zorgen dat kunst een katalysator voor verandering kan zijn, geloof ik dat het van groot belang is om het heden te evalueren en te leren van ons verleden. Kennis van onze fouten en de noodzaak voor menselijke vooruitgang zijn nodig om de toekomst te hervormen. Met dit in gedachten wil ik de woorden van Marcel Proust citeren: de ware reis van ontdekking is niet het zoeken naar nieuwe landschappen maar in het hebben van nieuwe ogen. Het is met deze nieuwe ogen dat het ons zal lukken een hoopvolle en veelbelovende toekomst te hervormen.

Het heeft me jaren gekost om me te realiseren dat mijn drang om de wereld met onbevangen ogen te bekijken zijn oorsprong had in mijn opvoeding en mijn ervaringen als kind.

Kijken naar de wereld
Met betrekking tot kunst stel ik voor dat we die met frisse ogen bekijken in plaats van dat we zoeken naar overeenkomsten. Kijken naar de wereld zonder die in hokjes te stoppen staat ons toe het nieuwe te ervaren. Al het nieuwe inspireert, het levert een blijvende indruk op en zorgt ervoor dat wij een inspiratie voor anderen worden. Dit kan alleen maar gebeuren wanneer wederkerigheid het uitgangspunt is.

Om de interactie met andere culturen te stimuleren, op basis van gelijkwaardigheid, heb ik stichting Thamgidi opgericht, een fonds dat kunst gebruikt voor multiculturele wisselwerking. De Thamgidi stichting gelooft dat multiculturele wisselwerking of gebrek daaraan van grote invloed is op de ontwikkeling van maatschappijen in het verleden, nu en in de toekomst. Wij geloven dat kunst een grote rol speelt bij het promoten van communicatie, begrip en het verbinden van culturen.

Het is vanwege die grote rol van kunst dat ik in 2008 IFAA heb geïnitieerd. IFAA is een internationaal multidisciplinair festival en een platform voor kunstenaars die in steden over de hele wereld wonen, waar het festival wordt georganiseerd.
Dit platform brengt wereldwijd artiesten bij elkaar, die geïnteresseerd zijn in het soort samenwerking dat die kunstenaars bekendheid geeft.

Eén bron van wijsheid
Multiculturele uitwisseling creëert ontmoetingsplaatsen die onze kennis, normen en waarden uitdagen. In deze ontmoetingsplaatsen kunnen we de rijkdom en wijsheid uit verschillende bronnen ontdekken. Multiculturele uitwisseling maakt het mogelijk om wijsheid uit verschillende bronnen te verkrijgen, als we beperkt zouden zijn tot één bron van wijsheid zou het rigide en afgezaagd worden.

In mijn cultuur geloven we “Umhambi yinkosi” wat zoveel betekent als – de reiziger is koning. De reiziger op deze manier bekijken betekent de waarde van het onbekende erkennen en dat de reiziger het nieuwe brengt.

Het is die combinatie van het onbekende en het nieuwe dat ons Ubuntu brengt.

Neem de trein als hij langs komt

Tamar Citroen is per 1 januari aanstaande directeur Operations van online marketingbureau Clansman. Door haar jonge leeftijd een opmerkelijke stap. Citroen is namelijk 26. Een nadere kennismaking over de voorwaarden van succes. “Niet blijven hangen in mogelijke beren op de weg.”

Clansman is gespecialiseerd in het opzetten en uitvoeren van online responscampagnes. Dat zijn campagnes waarmee leads en nieuwsbriefinschrijvingen worden geworven opdat hun klanten daarmee traffic en sales kunnen genereren. Klanten als Thomas Cook en TNT en andere adverteerders. Bijzonder aan Clansman is dat zij honderd procent performance based werken. Een even simpel als effectief business model. Citroen: “Onze klanten betalen alleen als wij resultaat boeken. Resultaten boeken is voor ons dus noodzaak.” Bovendien kunnen klanten voor het gehele traject bij Clansman terecht: van de creatieve uiting tot en met uitvoering en plaatsing van de campagne. Clansman is, last but not least, uitgever van verschillende websites op het gebied van ‘kortingen en prijsvragen’.

Booming

E-mailmarketing mag dan sowieso booming zijn, niet iedere organisatie redt het.
Clansman wel. Ze groeiden afgelopen jaar zo hard dat er naast campagnemanager Citroen meerdere campagnemanagers zijn aangenomen. Een groei waarvoor Citroen voor een groot deel verantwoordelijk was. “Als campagnemanager stuurde ik alle processen aan die bij de afdeling horen. Van sales en relatiebeheer tot personeelsbeheer en facturatie. Zowel de strategie van de campagne als voor een deel het operationele deel.” Het inmiddels sterk gegroeide Clansman had een directeur nodig en het bleek logisch dat Citroen dat zou worden.

Dagobert Duck

Citroen studeerde Communicatie aan de Hogeschool Inholland. In deeltijd, want daarnaast werkte ze als marketeer en daarvoor als freelance journalist. Na de middelbare school wist ze niet direct wat ze wilde studeren. “Ik wist dat ik in een commerciële functie werkzaam wilde zijn. Ik was altijd al ondernemend. Mijn ouders noemden mij Dagobert Duck omdat ik alleen met echt geld wilde spelen.”
Het was de psychologie achter reclame en marketing die haar deed besluiten om Communicatie te gaan studeren. “Ik heb een bovenmatige interesse in de redenen waarom het een wel werkt en het ander niet. Ik wilde begrijpen wat de achtergrond is van menselijke beslissingen om tot een aankoop over te gaan.”
Nadat ze in 2008 afstudeerde, vervolgde zij haar loopbaan bij Clansman. Slechts tweeënhalf jaar later is zij directeur Operations.

Beren op de weg

Wat maakt haar succesvol? “Ik maak altijd weloverwogen keuzes, maar is de beslissing eenmaal gevallen, dan twijfel ik niet langer en ga ervoor. Ik blijf niet hangen bij mogelijke beren op de weg. Vervolgens houd ik scherp in de gaten hoe het proces verloopt. Als iets niet werkt, dan blijf ik dat niet doen, maar stuur onmiddellijk bij. Ik ben goed in het analyseren van een campagne achteraf, maar dus ook tussentijds. Heel vaak kijken naar de resultaten, soms wel elke dag, zodat ik de kleinste afwijkingen signaleer om vervolgens het proces te optimaliseren.” Iedere campagne is weer beter dan de vorige, daarin schuilt voor Citroen de uitdaging. Snel analyseren en daarop inspringen. Ook vooraf schat Citroen snel in welke projecten haar energie verdienen en welke niet. Dat geldt niet alleen voor de inhoud van haar werk, zo richt ze als vanzelf ook haar carrièrepad in. “Neem de trein als hij langskomt, ook al weet je exacte bestemming niet. Als je niet instapt, dan sta je stil.”

Relevantie

De juiste kansen zien, succesvolle mensen zeggen het vaker. Als Citroen een campagne lanceert, dan denkt ze graag out of the box. “Ik zoek naar relevantie voor de bezoeker. Zit die relevantie er niet in, dan moeten we dat inbouwen. Je kunt bijvoorbeeld vooraf een prijzenpakket samenstellen voor de consument, maar je kunt de consument ook laten kiezen welke prijs hij wil winnen. Werken met dynamische content is dan de oplossing. Het is die relevantie die het succes van een campagne bepaalt.” Goed weten waar ze het over heeft, bepaalt haar leiderschapskwaliteiten. “Geloofwaardig zijn en kennis van zaken hebben. Daarmee vergaar je als leider autoriteit. Overigens geven we bij Clansman iedere medewerker de kans om zijn taak met een zekere mate van autonomie uit te voeren. Daardoor hebben mensen veel meer plezier in hun werk. Ik probeer ook binnen de hectiek van alledag ruimte voor waardering voor het individu te vinden.” Hebben collega’s wel eens kritiek op haar? “Ik ga ver in de service aan klanten. Ik ben heel flexibel als het om hun wensen gaat. Dat klanten voor gaan, betekent dat ik wel eens tien minuten te laat op interne vergaderingen verschijn.”

Ambitie

Citroen begint per 1 januari aan haar nieuwe baan. En is vol ambitie en plannen.
“We willen met Clansman de internationale markt op. Verder dan België zijn we nog niet gekomen. Zweden, Duitsland, Frankrijk en Engeland staan op de planning. We hebben heel mooie producten, die wij zo in het buitenland kunnen lanceren. Het gaat er natuurlijk om goede partners in deze landen te vinden, met wie we succesvol kunnen samenwerken. Wat ik ga doen is ons personeelsbestand uitbreiden, een internationale strategie en targets uitzetten en gewoon doorgaan met wat ik al deed: mooie campagnes maken voor onze klanten.”

Succes Tamar! We blijven je volgen in je carrière.

ADVERTENTIE