Meestersprekers: Hedy d’Ancona

In het afgelopen anderhalf jaar werkten we aan het boek ‘Meestersprekers, over de kunst van het spreken’ dat september dit jaar zal verschijnen bij Academic Service. In dit boek komen negentien bekende sprekers aan het woord, waaronder Hans Wiegel, Ben Tiggelaar en Hedy d’Ancona. Zij geven diepgaande en verrassende inkijkjes in de praktijk van het presenteren. Bij wijze van voorpublicatie vind je hier een deel van ons interview met Hedy d’Ancona.

Beschouwt u zichzelf als een goede spreker?
Je weet natuurlijk niet of je zelf een goede spreker bent, ik denk het wel. Je hoort het van anderen, dat ze zeggen dat ze tevreden zijn, dat je daar complimentjes over krijgt. Niet altijd hoor. Het gaat ook wel eens een keer niet zo goed omdat je je toch verkeken hebt op het soort mensen of zo. En daar moet je ook weer niet ongelukkig over zijn.

Is presenteren te leren?
Ja, je moet het leren. De één zal het makkelijker leren dan de ander. Ik heb het geleerd omdat ik in mijn studententijd jarenlang cabaret heb gedaan. Niet iedereen heeft hetzelfde dramatische talent. In onze Tweede Kamer is het niet dik gezaaid. Marijnissen kon het heel goed, was echt iemand van de dramatiek. Femke Halsema kan het ook behoorlijk goed. Zij wilde ook altijd toneelspeelster worden, dus die leeft daar iets in uit. Mariëtte Hamer, hoe aardig ik haar ook vind, meeslepend spreken is niet haar sterkste punt. Agnes Kant was er ook niet zo goed in. Nou ja, je moet ook weer niet hysterisch worden, dan vind ik het weer eng. Maar je moet wel een beetje ver durven gaan. En verder, je leert van de keren dat het niet goed ging, van je eigen fouten. Je kunt wel een andere spreker heel erg goed vinden, maar je kunt iemand anders natuurlijk nooit nadoen. Je moet echt proberen om je eigen persoonlijkheid te bewaren. Dus niet van: ‘Nu ben ik de spreker’ en ineens zo’n toon aanslaan. Je moet, en dat is moeilijk, zo dicht mogelijk op je eigen persoonlijkheid blijven zitten.

Ziet u verschil in spreken tussen mannen en vrouwen?
Ja, dat zie ik zeker, daarom zeg ik ook: ‘Probeer toch een beetje in de buurt van jezelf te blijven’. De voorbeelden van sprekers die we met de paplepel ingegoten kregen zijn toch meestal grote mannen. En dat is dus niet wat je na moet gaan doen. Misschien zijn vrouwen die dat wel doen bang dat ze anders niet serieus genomen worden.

Kunnen Nederlanders spreken?
Ik heb tien jaar lang in dat Europees Parlement gezeten, dus dan zie je dat Fransen en Italianen prachtig kunnen praten. Nederlanders hebben daar helemaal geen opleiding in, terwijl ik weet, ik heb neefjes in Frankrijk, dat je daar leert spreken op de middelbare school. Je leert discussiëren, dat kunnen wij ook niet goed. En ze leren oreren, dat leren wij ook niet, zelfs toen ik studeerde las je alles van papier als je iets moest voordragen. Maar hier in Nederland, wie kan er nou leuk spreken? Balkenende, dat vond ik helemaal niks. Ik vind Halsema dan eigenlijk nu de beste. En verder zie ik daar geen fantastische voorbeelden.

Hoe belangrijk is dat, te kunnen spreken, als je invloed wil uitoefenen?
Dat is erg belangrijk. Het is erg belangrijk om mensen mee te krijgen. Dat mensen denken: ‘Ja, zo is het.’ Het is toch de kunst van het verleiden en dat geldt niet alleen maar voor de politiek. Nou is het een tijd uit geweest, ook in de politiek. De politiek heeft last van ontideologisering, maar je ziet bijvoorbeeld aan Obama dat er kennelijk toch mensen achter je aan lopen, als je het goed kunt.

Wat is charisma volgens u?
Dat is het vermogen tot verleiden, dat is dat mensen aan je lippen hangen. Ik ben geen aanbidder van het koningshuis, maar die Máxima heeft wel een zeker charisma. Dan kan je zeggen, die ziet er zo mooi uit, maar zo lopen er heel veel van die blonde types rond, die dat haar zo hebben zitten, dus het moet iets meer zijn. Sommige mensen hebben het niet alleen aan hun schoonheid te danken maar aan iets anders. Ik denk aan zo iemand als Fortuyn, was ik ook geen liefhebber van, maar die moet charisma gehad hebben. Het was natuurlijk absoluut niet iemand van wie je kon vermoeden dat hij het zich kon permitteren te koop te lopen met zijn homoseksualiteit en darkrooms. Dan moet je iets hebben, hier in dat tuttelland waar we alles al te gek vinden. Dat heeft Wilders volgens mij niet. Overigens is er een verschil tussen charisma en personificatie. Charisma is veel mystieker, heeft veel meer met iemands echte persoonlijkheid te maken. De personificatie van de politiek is meer dat de minister-president Jan Smit een telegram gaat sturen om hem beterschap te wensen met zijn stembanden. Dat soort van idiotie. Dat ‘ik ben zo gewoon gebleven’, daar heb ik een ontzettende hekel aan. Zoals ik het ook heel naar vind als ze in verkiezingstijd op vuilniswagens gaan zitten, of gaan koken voor de voedselbank, of als ze accordeon gaan spelen. Dat vind ik helemaal niks.

Is charisma ook dat wat een spreker tot een meesterspreker maakt? Is dat net dat laatste stukje?
Ja, dat zou je wel kunnen zeggen. Charisma is de slagroom op de pudding.

Plaats een reactie

ADVERTENTIE